DE H.GEEST; van paus Franciscus.

november 7, 2019

simages[1]

Uit Tijdschrift van de Rozenkrans (door Maria naar Jezus) Nr. 512.

Dierbare broeders en zusters!

Vandaag beginnen  we een cyclus met onderrichtingen over de gaven van de Heilige Geest. Jullie weten dat de Heilige Geest de ziel en de levensader is van de Kerk en van elke christen: Hij is de liefde van God die van ons hart zijn verblijfplaats maakt en met ons tot gemeenschap komt. De Heilige Geest is altijd bij ons, is altijd in ons, in ons hart.

De Geest zelf is “de gave van God” bij uitstek (Joh 4,10), Hij is een geschenk van God en schenkt aan wie Hem ontvangt verschillende geestelijke gaven. De Kerk ziet er zeven, een getal dat symbolisch verwijst naar volheid, volledigheid; men leert ze kennen wanneer men zich op het Sacrament van het Vormsel voorbereidt en we smeken ze af in het oude gebed dat ‘Sequentie van de Heilige Geest’ wordt genoemd. De gaven van de Heilige Geest zijn: wijsheid, verstand, raad, sterkte, kennis, vroomheid en de vreze Gods.

  1. WIJSHEID:  Volgens deze lijst, is de eerste gave van de Heilige Geest dus de wijsheid. Het gaat niet eenvoudigweg over menselijke wijsheid, die vrucht is van de kennis en ervaring. In de Bijbel wordt verhaald dat Salomon, op het ogenblik van zijn kroning tot koning van Israël, de gave van wijsheid heeft gevraagd (1 Kon 3,9). En dit is precies de wijsheid: het is de genade om alles met de ogen van God te kunnen zien. Het is eenvoudig dit: de wereld, de situaties, de omstandigheden, de problemen, alles met de ogen van God kunnen zien. Dat is de wijsheid. Soms zien we de dingen volgens onze voorkeur of volgens de staat van ons hart, met liefde of met haat, mat na-ijver… Neen, dat is het oog van God niet. De wijsheid is wat de Heilige Geest in ons bewerkt zodat we alle dingen met de ogen van God zien. Dit is de gave van de wijsheid. En vanzelfsprekend komt dit van de INTIMITEIT met God, van de intieme relatie die we met God beleven, van de relatie van kinderen met de Vader. En de Heilige Geest geeft ons, wanneer we deze relatie beleven, de gave van de wijsheid. Wanneer we in gemeenschap zijn met de Heer is het alsof de Heilige Geest ons hart omvormt en het al zijn warmte en zijn voorkeursliefde doet ervaren. Dan maakt de Heilige Geest de christen ‘wijs’ . Niet in de zin dat hij op alles een antwoord heeft, alles weet, maar in de zin dat hij over God ‘weet”, weet hoe God werkt, weet wanneer iets van God is en wanneer het niet van God is; hij heeft die wijsheid die God aan onze harten geeft. Het hart van een wijs mens heeft het genoegen en de smaak van God. Hoe belangrijk is het dat in onze gemeenschappen dergelijke christenen aanwezig zijn! Alles in hen spreekt van God en wordt een mooi en levend teken van zijn aanwezigheid en van zijn liefde. Dat is iets wat we niet kunnen improviseren, wat we niet aan onszelf kunnen geven: het is een gave van God aan hen die zich gehoorzaam opstellen voor de Heilige Geest. We hebben in ons, in ons hart, de Heilige Geest; we kunnen Hem beluisteren. We kunnen luisteren, we kunnen niet horen. Als we de Heilige Geest beluisteren, leert Hij ons deze weg van de wijsheid, Hij schenkt ons de wijsheid die met de ogen van God doet zien; met de oren van God doet horen, met het hart van God doet liefhebben, de dingen helpt beoordelen met het oordeel van God. Dit is de wijsheid die de Heilige Geest ons schenkt en wij allen kunnen ze bezitten. Alleen, we moeten ze aan de Heilige Geest vragen. Denk aan een moeder, thuis met de kinderen, wanneer de een iet doet wil de ander iets anders en de arme moeder loopt van het een naar het ander, met de problemen van de kinderen. En wanneer moeders het beu worden en op de kinderen schelden, is dat wijsheid? Op de kinderen schelden -vraag ik jullie- is dat wijsheid? Wat zeggen jullie: is het wijs of niet? Neen! Daarentegen wanneer een moeder een kind optilt en zachtjes berispt en zegt: ‘Dit doe je niet, hierom…’en met veel geduld uitleg geeft, is dat de wijsheid van God? Ja! Het is dat wat de Heilige Geest ons in dit leven schenkt! Verder, in het huwelijk bijvoorbeeld, twee gehuwden -man en vrouw- maken ruzie en daarna bekijken ze elkaar niet of, als ze elkaar bekijken, kijken ze met een verwrongen gezicht: is dat wijsheid van God? Neen!  Daarentegen wanneer men zegt ‘Bah, het onweer is over, we sluiten vrede’ en ze gaan verder in vrede, is dat wijsheid? Ja! Ziezo, dat is de gave van de wijsheid. Dat ze in huis mag zijn, met de kinderen mag zijn, dat ze bij ons allen maf zijn! En dat leert men niet: dit is een geschenk van de Heilige Geest. Daarom moeten we aan de Heer vragen dat Hij ons de gave van wijsheid  schenkt, van de wijsheid van God die ons leert met de ogen van God te zien, met het hart van God te voelen, met de woorden van God te spreken. En zo, met deze wijsheid, gaan we vooruit, bouwen we het gezin op, bouwen we de Kerk op en heiligen we onszelf. Vragen we vandaag de genade van de wijsheid. En vragen we dat aan Onze Lieve Vrouw, die de zetel van wijsheid is, van deze gave: dat zij ons deze genade schenkt.

2. INZICHT; (verstand) Na de beschouwing van de wijsheid als eerste van de zeven  van de Heilige Geest, wil ik vandaag de aandacht vestigen op de tweede gave, die van het inzicht. Het gaat hierbij niet over menselijk inzicht als intellectueel vermogen waarmee we min of meer begiftigd zijn. Het gaat om een genade die alleen de Heilige Geest kan schenken en die in de christen het vermogen wekt om verder dan het uiterlijk uitzicht van de werkelijkheid te gaan en de diepte te doorgronden van Gods gedachte en van zijn heilsplan. De apostel Paulus heft in zijn brief aan de gemeenschap van Korinte, goed de uitwerking van deze gave beschreven -m.a.w. wat doet de gave van inzicht in ons, Paulus zegt het zo: “Dit zijn de dingen waarvan de Schrift zegt: Wat geen oog heeft gezien, geen oor heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bereid voor wie Hem liefhebben. Ons heeft God dat geopenbaard door de Geest.” (Kor 2,9-10)  Dit wil natuurlijk niet zeggen dat een christen alles kan begrijpen en een volledige kennis kan hebben van Gods plannen: dit alles blijft verwachting tot het zich in volle helderheid zal tonen wanneer we voor het aanschijn van God zullen staan en werkelijk één met Hem zullen zijn. En toch, zoals het woord zelf zegt, het inzicht stelt in staat tot “intus legere“, dat wil zeggen “binnenin te lezen”: deze gave stelt ons in staat de dingen te verstaan zoals God ze verstaat, met het inzicht van God. Immers een mens kan een situatie met menselijk inzicht, met voorzichtigheid, verstaan en dat is goed. Maar een situatie in de diepte verstaan, met het inzicht van God, dat is de uitwerking van deze gave. Jezus heeft ons de Heilige Geest gezonden opdat wij deze gave zouden bezitten, zodat we allen de dingen kunnen verstaan zoals God ze verstaat, met het inzicht van God. Het is een mooi geschenk dat de Heer ons allen geeft. Het is de gave waardoor de Heilige Geest ons binnenleidt in de intimiteit met God en ons deelgenoten maakt van het plan van liefde dat Hij met ons heeft. Het is dus duidelijk dat de gave van inzicht eng verbonden is met het geloof. Wanneer de Heilige Geest in ons hart woont en onze geest verlicht, doet Hij ons dag na dag groeien in het begrip van wat de Heer gezegd en gedaan heeft. Jezus heeft zelf aan de leerlingen gezegd: ik zal jullie de Heilige Geest zenden en Hij zal jullie doen verstaan alles wat ik jullie heb onderwezen. Het onderricht van Jezus verstaan, zijn Woord verstaan, het Evangelie verstaan, het Woord van God verstaan. Men kan het Evangelie lezen en iets verstaan, maar als we het Evangelie lezen vervuld van deze gave van de Heilige Geest kunnen we de diepte van het Woord van God verstaan. Dat is een grote gave, een grote gave die we allen moet vragen en samen vragen: Geef ons, Heer, de gave van inzicht. In het Evangelie volgens Lucas komt een episode voor die goed de diepte en de kracht van deze gave beschrijft. Na getuigen te zijn geweest van de dood van Jezus op het kruis en van zijn begrafenis, zijn twee ontgoochelde en terneergeslagen leerlingen op weg van Jeruzalem naar hun dorp met de naam Emmaüs. Tijdens de tocht sluit de verrezen Jezus bij hen aan en begint met hen een gesprek, maar hun ogen, gesluierd door droefheid en wanhoop, zijn niet in staat Hem te herkennen. Jezus is met hen op weg, maar zij zijn zo bedroefd en zo wanhopig dat ze niet in staat zijn Hem te herkennen.

De Emmausgangers kl

Maar wanneer de Heer hen de Schriften verklaart, om hen te helpen verstaan dat Hij moest lijden en sterven om daarna te verrijzen, gaan hun geesten open en in hun harten gaat opnieuw de hoop branden (zie Lc 24, 13-17). Dat is wat de Heilige Geest met ons doet: Hij opent onze geest, om beter te verstaan, om beter de dingen van God te verstaan, de menselijke dingen, de situaties, alle dingen. De gave van inzicht is belangrijk voor ons christelijk leven. Vragen we aan de Heer dat Hij ze ons schenkt, dat Hij ons allen de gave schenkt om de dingen die gebeuren te verstaan, te verstaan zoals Hij en om vooral het Woord van God in het Evangelie te verstaan.

3. RAAD: We hebben in de lezing van een deel uit het boek der Psalmen gehoord:  “Ik prijs de Heer die mij raad heeft gegeven, zelfs bij nacht spreekt  mijn geweten”. (Ps 16,7)Dit is een andere gave van de Heilige Geest: de gave van raad. We weten hoe belangrijk het is in gevoelige situaties te kunnen rekenen op de suggesties van wijze mensen die het goed met ons voor hebben. Welnu, door de gave van raad, is het God zelf die door zijn Geest, ons hart verlicht zodat we verstaan hoe we op de juiste wijze kunnen spreken en ons gedragen en welke weg te volgen. Maar, hoe werkt die gave in ons?  Van het ogenblik dat we de Heilige Geest welkom heten en plaats geven in ons hart begint Hij onmiddellijk ons gevoelig te maken voor zijn stem en onze gedachten, gevoelens en onze bedoeling op het hart van God te richten. Tegelijkertijd brengt Hij ons ertoe steeds meer de innerlijke blik op Jezus te richten als model voor ons handelen en van onze relatie met God Vader en met de broeders. De raad, is dus de gave waardoor de Heilige Geest ons geweten in staat stelt een concrete keuze in gemeenschap met God te maken, volgens de logica van Jezus en van zijn Evangelie. Op die wijze doet de Geest ons innerlijk groeien, doet Hij ons positief groeien, doet Hij ons groeien in de gemeenschap en helpt Hij ons niet de speelbal te worden van het egoïsme en van de eigen wijze om de dingen te zien. Zo helpt de Geest ons te groeien en in gemeenschap te leven. De wezenlijke voorwaarde om deze gave te bewaren is het gebed. Bidden met de gebeden die we van kindsbeen af kennen, maar ook bidden met eigen woorden. Tot de Heer bidden: “Heer, help me, geef me raad, wat moet ik nu doen?”. Door echt gebed scheppen we de ruimte waarin de Geest kan komen om ons op dat ogenblik te helpen, ons raad te geven over wat we moeten doen. Het gebed!  Nooit het gebed vergeten! Nooit! Niemand, niemand ziet het wanneer we in de bus, op straat bidden: we bidden in stilte, met het hart. Laat ons gebruik maken van die ogenblikken om te bidden, dat de Geest ons de gave van raad geeft. In de intimiteit met God en door het luisteren naar zijn Woord, verlaten we stap na stap onze eigen logica, dikwijls ingegeven door onze geslotenheid, door onze vooroordelen en door onze ambities, en we leren daarentegen aan de Heer te vragen: wat is jouw wens? Wat is jouw wil? Wat heb jij graag? Zo rijpt in ons een diepe eenklank, bijna aangeboren, in de Geest en ervaart men de waarheid van de woorden van Jezus in het Evangelie volgens Mattheüs:  “Maakt u echter niet bezorgd over het hoe of wat van uw spreken: op dat ogenblik zal u worden ingegeven wat gij moet zeggen. Want niet gij zijt het die spreekt, maar door u spreekt dan de Geest van uw Vader” (Mt 10, 19-20). Het is de Geest die ons raad geeft, maar wij moeten ruimte maken voor de Geest zodat Hij ons kan raad geven. Ruimte geven dat is bidden, bidden dat Hij komt en ons altijd helpt. Zoals alle andere gaven van de Geest, is ook de raad een schat voor heel de christelijke gemeenschap. De Heer spreekt niet slechts in de intimiteit van ons hart, Hij spreekt daar zeker, maar niet alleen daar, Hij spreekt ook doorheen de stem en het getuigenis van de broeders. Het is waarlijk een groot geschenk mannen en vrouwen van geloof te mogen ontmoeten die ons, vooral bij ingewikkelde en belangrijke overgangen in het leven, helpen klaarheid te scheppen in ons hart om de wil van de Heer te leren kennen! Ik herinner me eens in het heiligdom van Lujàn waar ik in de biechtstoel zat met een lange rij ervoor. Er was daar ook een heel moderne jonge man, oorbellen, tattoos en dergelijke… Hij  kwam vertellen wat hem was overkomen. Een zwaar, ingewikkeld probleem. En hij zei me: ik heb dit alles aan mijn moeder verteld en zij heeft mij gezegd: ga naar Onze Lieve Vrouw en Zij zal je zeggen wat te doen. Dat was een vrouw die de gave van raad bezat. Ze wist niet hoe het probleem van haar zoon aan te pakken, maar heeft hem de juiste weg gewezen: ga naar Onze Lieve Vrouw en Zij zal het je zeggen. Dat is de gave van raad. Die eenvoudige nederige vrouw heeft aan haar zoon de meest echte raad gegeven. Inderdaad, die jongen zei me: ik heb naar de Lieve Vrouw gekeken en ik heb gevoeld dat ik dit en dat en dat moest doen… Ik heb niets meer moeten zeggen, ze hadden zelf alles gezegd, de moeder en de zoon. Dat is de gave van raad. Jullie, moeders, die deze gave hebben, vraag haar ook voor jullie kinderen. De gave om kinderen rad te geven is een gave van God. Lieve vrienden, Psalm 16, die we gehoord hebben nodigt ons uit met deze woorden te bidden:  “Ik prijs de Heer die mij raad heeft gegeven, zelfs bij nacht spreekt mijn geweten. Ik houd de Heer voor ogen, de Heer altijd, Hij staat mij terzijde en ik wankel niet”.  Dat de Geest altijd ons hart vervult met deze zekerheid en ons overlaadt met zijn troost en vrede! Vraagt altijd om de gave van raad.

 

4. STERKTE: We denken aan wat de Heer zelf doet: Hij komt ons altijd in onze zwakheid ondersteunen en Hij doet dit door ons een speciale gave te geven: de gave van sterkte. Er is een door Jezus vertelde parabel die ons het belang van deze gave doet vatten. Een zaaier trekt uit om te zaaien; niet al het zaad dat hij uitstrooit draagt vrucht. Wat op de weg valt wordt door de vogels opgegeten; wat op de rotsgrond of tussen de distels valt, ontkiemt maar wordt snel door de zon verdord of door de doornen verstikt. Alleen het zaad dat op vruchtbare grond valt kan opgroeien en vrucht dragen. (zie Mc 4, 3-9; Mt 13, 3-9; Lc 8, 4-8). Jezus zelf leert aan zijn leerlingen dat de zaaier de Vader voorstelt, die overvloedig het zaad van zijn Woord uitstrooit. Het zaad stuit dikwijls op de dorheid van ons hart en, als het wordt opgenomen, dreigt het onvruchtbaar te blijven. Met de gave van sterkte, daarentegen, maakt de Heilige Geest de grond van ons hart vrij van loomheid, van onzekerheden en van alle angsten die het kunnen remmen, zodanig dat het Woord van de Heer op waarachtige en vreugdevolle manier in praktijk wordt gebracht. De gave van sterkte is een echte hulp, ze geeft ons kracht, ze bevrijdt ons ook van belemmeringen. Er zijn ook moeilijke momenten en uitzonderlijke situaties waarin de gave van sterkte op buitengewone, voorbeeldige wijze werkt. Dat is het geval van hen die bijzonder harde en pijnlijke ervaringen moeten trotseren, die hun leven en dat van hun dierbaren ontwrichten. De Kerk schittert door het getuigenis van vele broers en zussen die niet geaarzeld hebben hun leven te geven om aan de Heer en aan zijn Evangelie trouw te blijven. Ook vandaag zijn er op vele plaatsen in de wereld Christenen die hun geloof blijven vieren en belijden met diepe overtuiging en helderheid en ze bieden weerstand ook wanneer dat een hogere prijs eist. Ook wij, wij allen, kennen mensen die moeilijke en pijnlijke situaties hebben doorleefd. We denken aan die mannen en aan die vrouwen  welke een moeilijk leven leiden, vechten om hun gezin vooruit te helpen, de kinderen op te voeden: ze doen dit alles omdat de geest van sterkte er is die hen helpt. Veel mannen en vrouwen -we kennen hun namen niet- zijn de eer van ons volk, de eer van onze Kerk, omdat de sterk zijn: sterk in het beleven van hun bestaan, van hun gezin, van hun arbeid, van hun geloof. Deze broers en zussen zijn heiligen, heiligen in het alledaagse, heiligen in ons midden verborgen: ze hebben de gave van sterkte door hun plicht te doen als personen, als vaders, als moeders, als broers, als zussen, als burgers. We hebben er velen!  Laten we de Heer danken voor deze Christenen van de verborgen heiligheid: het is de Heilige Geest die ze in zich hebben die hen verder draagt!  Aan deze mensen denken zal ons deugd doen: als zij dit alles doen, als zij dat kunnen doen, waarom ik ook niet?  Aan de Heer de gave van sterkte vragen zal ons ook deugd doen. We moeten niet denken dat de gave van sterkte slechts bij enkele gelegenheden of bijzondere situaties nodig is. Deze gave moet het basiskenmerk zijn van ons christelijk bestaan, in het gewone van ons alledaagse leven. Zoals ik zei, alle dagen van ons dagelijks leven moeten we sterk zijn, we hebben deze sterkte nodig om met ons leven, ons gezin, ons geloof verder te gaan. De apostel Paulus heeft een gezegde dat goed is om horen:  “Alles vermag ik in Hem, die mij kracht geeft”(Fil 4,13). Als we het gewone leven trotseren, als er moeilijkheden komen, laat ons dan dit herinneren: “Alles vermag ik in Hem, die mij kracht geeft”. De Heer geeft sterkte, Hij laat ze  ons niet ontbreken; de Heer beproeft ons niet boven onze krachten. Hij is ons altijd nabij. “Alles vermag ik in Hem, die mij kracht geeft”. Geliefde vrienden, soms kennen we de bekoring om ons, met de lasten en beproevingen van het leven voor ogen, te laten verleiden tot luiheid of erger nog tot ontmoediging. Laten we in dergelijke gevallen de moed niet opgeven, maar laten we de Heilige Geest aanroepen dat Hij ons hart door de gave van sterkte verlicht en aan ons leven en onze navolging van Jezus nieuwe kracht en enthousiasme meedeelt.

 

5. KENNIS: Ik zou een schijnwerper willen richten op een andere gave van de Heilige Geest, de gave van kennis. Wanneer over kennis gesproken wordt, denkt men onmiddellijk aan het vermogen van de mensen om altijd beter de werkelijkheid die hem omgeeft te kennen en de wetten te ontdekken die de natuur en het heelal ordenen. De kennis die van de Heilige Geest komt, beperkt zich echter niet tot de menselijke kennis: het is een bijzondere gave, die ons ertoe brengt, via de schepping, de grootheid en de liefde van God en zijn diepe verbondenheid met elk schepsel, te vatten. Wanneer onze ogen door de Heilige Geest verlicht worden, openen ze zich voor de contemplatie van God in de schoonheid van de natuur en in de grootsheid van de kosmos en ze brengen ons tot de ontdekking hoe alles van Hem en van zijn liefde spreekt. Dit alles wekt in ons een grote verbazing en een diep gevoel van dankbaarheid! Het is het gevoel dat we ook ervaren wanneer we tot bewondering komen voor een kunstwerk of voor een wonderbaarlijke vrucht van het genie en van de creativiteit van de mens. Ten overstaan van dit alles brengt de Geest ons ertoe de Heer uit het diepst van ons hart te loven en in alles wat we hebben en zijn, een onschatbare gave van God en een teken van zijn oneindige liefde voor ons te erkennen. In het eerste hoofdstuk van het boek Genesis, dus werkelijk aan het begin van heel de Bijbel, wordt benadrukt dat God behagen heeft in zijn schepping door herhaaldelijk de schoonheid en de grootheid van elk schepsel te onderlijnen. Aan het eind van elke scheppingsdag staat geschreven: “God zag dat het goed was” (Gen 1, 12.18.21.25). Als God ziet dat elk schepsel goed en schoon is, dan moeten ook wij diezelfde houding aannemen en zien dat elk schepsel goed en schoon is. Het is de gave van kennis die ons deze schoonheid doet zien, daarom ook loven we God en danken Hem omdat Hij ons zoveel schoonheid geschonken heeft. En wanneer God de schepping van de mens voltooide wordt niet gezegd: “Hij zag dat het goed was”, maar Hij zei dat het “zeer goed” was (Gen. 1, 31). In de ogen van God zijn wij het mooiste, het grootste en het beste van heel de schepping. Zelfs de engelen komen na ons, wij zijn meer dan de engelen, zoals we horen in het Boek der Psalmen. De Heer houdt van ons! We moeten Hem daarvoor danken. De gave van kennis brengt ons tot diepe overeenstemming met de Schepper en helpt ons deelhebben aan de helderheid van zijn blik en van zijn oordeel. Het is vanuit dit gezichtspunt dat we kunnen vatten dat man en vrouw het toppunt van de schepping zijn, als de voltooiing van een plan van liefde dat in elk van ons geprent is en dat ons elkaar als broers en zussen doet erkennen. Dit alles is motief voor rust en vrede en maakt van de Christen een blije getuigen van God, in het spoor van Sint Franciscus van Assisi en van vele heiligen die, door de contemplatie van de schepping ertoe kwamen God te loven en zijn liefde te bezingen. Tegelijk helpt de gave van kennis ons ook niet te vervallen in een aantal overdrijvingen of verkeerde houdingen. De eerste bestaat in het gevaar dat we ons als eigenaars van de schepping gaan gedragen. De schepping is geen eigendom waarover van we believen de baas kunnen spelen; en zeker is ze geen eigendom van slechts enkelen, van weinigen. De schepping is een schitterend geschenk dat God ons gegeven heeft om er zorg voor te dragen en te gebruiken ten bate van allen, met niet aflatende eerbied en dankbarheid. De tweede verkeerde houding bestaat in de bekoring om bij de schepselen te blijven stilstaan, alsof zij op al onze verwachtingen het antwoord kunnen zijn. Met de gave van kennis helpt de Geest ons deze vergissing niet te begaan. Maar ik wil terugkomen op de eerste verkeerde weg: de baas spelen over de schepping in plaats van haar te behoeden. We moeten de schepping behoeden omdat ze een geschenk van God is, het geschenk van God aan ons; wij zijn de behoeders van de schepping. Als we de schepping uitbuiten, vernietigen we het teken van de liefde van God. De schepping vernietigen is aan God zeggen “ik houd er niet van”.  En dat is niet goed : dat is de zonde. De schepping behoeden, is eigenlijk de gave van God behoeden en aan God zeggen: “Dank, ik ben hoeder van de schepping om haar vooruit te doen gaan, nooit om Uw geschenk te vernietigen”.  Dit moet onze houding tegenover de schepping zijn: haar behoeden want, als wij de schepping vernietigen, zal de schepping ons vernietigen. Vergeet dit niet. Eens was ik op het platteland en hoorde ik de uitspraak van een eenvoudige mens die van bloemen hield en eer voor zorgde. Hij zei me: “We moeten deze mooie dingen die God ons geschonken heeft behoeden. De schepping is er voor ons opdat we er goed gebruik van zouden maken, niet om haar uit te buiten maar om haar te behoeden, want God vergeeft altijd, wij mensen vergeven af en toe, maar de schepping vergeeft nooit en als jij haar niet behoedt zal zij je vernietigen“. Dit moet ons tot nadenken stemmen en ons aan de Heilige Geest de gave van kennis doen vragen om goed te verstaan dat de schepping het mooiste geschenk van God is. Hij heeft zoveel goede dingen gemaakt voor het beste dat er is en dat is de menselijke persoon.

6. DE VROOMHEID: Ik wil stilstaan bij een gave van de Heilige Geest die dikwijls hetzij misverstaan hetzij oppervlakkig benaderd wordt, terwijl ze het hart van onze christelijke identiteit raakt: het gaat over de gave van vroomheid.

DSCI0622 (2)

Het moet van meet af aan duidelijk zijn  dat deze gave is als “piëteit in de zin van medelijden met iemand hebben, piëteit voor de naaste hebben. Deze gave verwijst naar ons toebehoren aan God en onze diepe band met Hem, een band die zin geeft aan heel ons leven en die ons, in gemeenschap met Hem, rechtop houdt ook op de moeilijke en uitdagende momenten. Deze band met de Heer mag niet verstaan worden als een plicht of een last. Het is een band die van binnenuit komt. Het gaat om een met het hart beleefde relatie: het is onze vriendschap met God, door Jezus geschonken, een vriendschap die ons leven verandert en ons vervult van enthousiasme en vreugde. Vandaar dat de gave van vroomheid in op de eerste plaats tot dankbaarheid en lofprijzing voert. Dat is inderdaad het motief en de meest waarachtige zin van onze eredienst en van onze aanbidding. Wanneer de Heilige Geest ons de aanwezigheid van de Heer en heel zijn liefde voor ons doet warnemen, verwarmt Hij ons hart en zet ons als het ware natuurlijker wijze aan tot bidden en vieren. Vroomheid is dus synoniem van waarachtige godsdienstzin, van kinderlijk vertrouwen in God, van dat vermogen om tot Hem met liefde en eenvoud, eigen aan personen met een nederig hart, te bidden. Omdat de gave van vroomheid ons doet groeien in de relatie en in de gemeenschap met God en ons ertoe brengt als zijn kinderen te leven, helpt ze ons tegelijkertijd die liefde op de anderen te oriënteren en hen als broeders te erkennen. Wanneer dat gebeurt, worden we bewogen door gevoelens van vroomheid -niet van piëtisme-  tegenover onze naasten en tegenover hen die we elke dag ontmoeten. Waarom zeg ik niet van piëtisme?  Omdat sommigen denken dat vroom zijn, betekent de ogen sluiten, een gezicht van een heiligen-prentje opzetten, doen alsof men een heilige is. (..)  Dat is niet de gave van vroomheid. De gave van vroomheid betekent echt bekwaam zijn, blij te zijn met wie vreugde beleeft, te wenen met wie weent, nabij te zijn bij wie alleen of angstig is, te verbeteren wie dwaalt, te troosten wie rouwt, op te vangen en hulp te bieden aan wie in nood is. Er bestaat een sterke band tussen de gave van vroomheid en zachtmoedigheid. De gave van vroomheid die de Heilige Geest ons schenkt, maakt ons zachtmoedig, rustig, geduldig, in vrede met God, zachtmoedig ten dienst van de anderen. Geliefde vrienden, in de brief aan de Romeinen zegt de apostel Paulus: “Allen die zich laten leiden door de Geest van God zijn kinderen van God. De Geest die gij ontvangen hebt is er niet een van slaafsheid die u opnieuw vrees zou aanjagen. Gij hebt de Geest van het kindschap ontvangen die ons doet uitroepen:”Abba Vader!” (Rom 8, 14-15). Vragen we de Heer dat de gave van zijn Geest onze vrees mag overwinnen, onze onzekerheden, onze onrustige,  ongeduldige geest ook, om ons tot vreugdevolle getuigen van God en van zijn liefde te maken door  de Heer in waarheid te aanbidden en ook door zachtmoedige en glimlachende dienst aan de naaste die de Geest ons in vreugde schenkt. Dat de Heilige Geest ons allen deze gave van vroomheid schenkt.

 

7. HET ONTZAG VOOR GOD:

DSCI0556 (2) - kopie

De gave van ontzag voor God waarover we het vandaag hebben, is de afronding van de reeks over de zeven gaven van de Heilige Geest. Ze betekent niet: God vrezen. We weten immers dat God Vader is, dat Hij van ons houdt en onze verlossing wil, en altijd schenkt Hij vergiffenis, altijd; er is dus geen reden om God te vrezen. Ontzag voor God is de gave van de Geest die ons eraan herinnert hoe klein we tegenover God en zijn liefde zijn en dat ons welzijn erin bestaat ons nederig, met eerbied en vertrouwen aan zijn handen toe te vertrouwen. Dat is het ontzag voor God: overgave aan de goedheid van onze Vader die ons bijzonder liefheeft. Wanneer de Heilige Geest in ons komt wonen, stort Hij troost en vrede in ons en brengt ons ertoe ons te voelen zoals we zijn, dat wil zeggen: klein, met die houding -door Jezus in het Evangelie sterk aanbevolen-  van iemand die al zijn zorgen en verwachtingen aan God toevertrouwt en zich geborgen weet en gesteund door zijn warmte en bescherming, precies zoals een kindje met zijn papa! Dat bewerkt de Heilige Geest in onze harten: Hij geeft ons het gevoel van kindjes in de armen van onze papa. Zo  begrijpen we dat ontzag voor God in ons de vorm aanneemt van volgzaamheid, van erkentelijkheid en van lofprijzing en zo ons hart vervult van hoop. Vaak slagen we er niet in de bedoeling van God te verstaan en stellen we vast dat we er op eigen kracht niet in slagen het geluk en het eeuwig leven te bereiken. Het is precies bij de ervaring van onze grenzen en onze armoede dat de Geest ons moed inspreekt en ons doet zien dat het enig belangrijke erin bestaat ons door  Jezus in de armen van zijn Vader te laten voeren. Daarom hebben we grote nood aan deze gave van de Heilige Geest. Ontzag voor God doet ons verstaan dat alles genade is en dat onze ware sterkte alleen in de navolging van Jezus bestaat en in het aanvoelen dat de Vader zijn goedheid en barmhartigheid over ons kan uitstorten. Het hart openen zodat de goedheid en barmhartigheid van God tot ons komen. Dat bewerkt de Heilige Geest bij middel van de gave van ontzag voor God: Hij opent de harten zodat de vergiffenis, de barmhartigheid, de goedheid en de liefkozingen van de Vader ons bereiken, want we zijn kinderen die oneindig bemind worden! Wanneer we doordrongen zijn van ontzag voor  God, zijn we geneigd de Heer met nederigheid, volgzaamheid en gehoorzaamheid te volgen. Niet met een houding van onderwerping, passief, zelfs klagend, maar met de verbazing en de vreugde van een kind dat zich door de Vader geholpen en bemind weet. Ontzag voor God maakt van ons geen angstige Christenen die het opgeven, maar het wekt moed en kracht in ons! Het is een gave die ons tot overtuigde en enthousiaste Christenen maakt, niet door angst aan de Heer onderworpen, maar ontroerd en gewonnen door zijn liefde! Door Gods liefde veroverd! Dat is iets zeer mooi. Ons laten veroveren door de liefde van papa die ons intens, met heel zijn hart, bemint. Maar, laten we oppassen, want de gave van God, de gave van ontzag voor God, is ook een alarmsignaal ten aanzien van de hardnekkigheid van de zonde. Wanneer iemand slecht leeft, wanneer men God vervloekt, wanneer men anderen uitbuit, wanneer men anderen tiranniseert, wanneer men alleen voor het geld leeft, alleen voor eigenwaan, macht, trots leeft, dan luidt het heilige ontzag voor God de alarmklok: Pas op! Met al die macht, met al dat geld, met al je trots, met al je eigenwaan, zal je niet gelukkig worden. Niemand zal het geld, de macht, de eigenwaarde of de trots naar de overkant meenemen. Niets!  Alleen de liefde van God Vader, de liefkozingen van God, aanvaard en ontvangen met liefde, kunnen we meenemen. En ook wat we voor anderen gedaan hebben, kunnen we meenemen. Hoed je er dus voor je hoop te stellen op geld, op trots, op macht, op eigenwaan want dat alles kan ons niets goeds beloven! Ik denk bijvoorbeeld aan mensen die over andere gezag uitoefenen en zich laten omkopen; denken jullie echt dat iemand die zich laat omkopen aan de overzijde gelukkig zal zijn? Neen, want de vrucht van zijn corruptie is een bedorven hart en hij zal het moeilijk hebben om naar de Heer te gaan. Ik denk aan zij die leven van mensenhandel en van slavenarbeid: denken jullie dat mensen die mensen verhandelen en mensen door slavenarbeid uitbuiten, de liefde van God in hun hart dragen? Neen, zij hebben geen ontzag voor God en zijn niet gelukkig. Ze zijn het niet. Ik denk aan hen die wapens produceren om oorlogen aan te wakkeren; wat een beroep is dat. Als ik nu de vraag zou stellen: wie van jullie produceert wapens? Zou het antwoord zijn: niemand, niemand. Wapenproducenten komen niet naar het Woord van God luisterren! Zij produceren dood, zijn handelaren van de dood en maken van de dood een handelswaar. Dat het ontzag voor God hen doet begrijpen dat alles ooit eindigt en dat ze aan God rekenschap zullen moeten geven. Geliefde vrienden, psalm 34 leert ons als volgt bidden: “Deze arme mens riep, en de Heer gaf gehoor, Hij heeft mij bevrijd uit al mijn noden. De engel van de Heer zet wachtposten uit rond degenen die Hem vrezen: zo brengt Hij redding”(Ps. 34, 7-8). Vragen we aan de Heer de genade om onze stem te voegen bij die van de armen om de gave van ontzag voor God te verkrijgen en ons, samen met hen, te kunnen zien   als bekleed met de barmhartigheid en met de liefde van God, die onze Vader is, onze Papa.

 

WAAROM BLIJVEN MIJN GEBEDEN SCHIJNBAAR ONBEANTWOORD ?

juli 30, 2019

Waarom blijven mijn gebeden schijnbaar onbeantwoord? (Uit: Tijdschrift van de Rozenkrans; door Maria naar Jezus Nr. 506 jan. 2019) door Glenn Addelaire.

IMG_0044

 

Waarom blijven mijn gebeden schijnbaar onbeantwoord? door Glenn Addelaire.

(als jong meisje van 18 ging ik alleen naar Lourdes om te bidden voor een goede man; maar het resultaat (na vele zware beproevingen) was voor mij, eerst later overweldigend, want Jezus zelf wilde mijn Bruidegom zijn.) Het is het allermooiste wat mij is overkomen! Greeth.)

Waarom blijven mijn gebeden schijnbaar onbeantwoord? Dat is een vraag die zich vele christenen stellen. Vooreerst is het belangrijk te begrijpen dat onze eigen wil en verlangens dikwijls verschillend zijn van de wil van God voor ons. Terwijl wij hier op aarde niet volledig de wil van God kunnen zien of begrijpen gebeurt het dat wij dikwijls bidden voor iets dat tegengesteld is aan hetgeen God voor ons wil. Wanneer wij de levens van de heiligen bestuderen zien we hoe God ons tekens geeft om zijn Heilige Wil voor ons leven te ontdekken.

 

(Dit heeft God ook met mij gedaan, alleen ik zag het toen nog niet, later wel, wat me zeer diep heeft geraakt en ook zeer dankbaar heeft gemaakt! Greeth).

De heiligen tonen ons “De mens wikt maar God beschikt”. Dit betekent dat wanneer wij onze gebeden verenigen voor een specifieke intentie, God de dingen zal schikken volgens zijn Heilige Wil naargelang dat in overeenstemming is met onze verlangens en intenties of niet. Op die manier beantwoordt Hij altijd onze gebeden, maar niet altijd op de wijze die wij verlangen.

Wat is de reden daarvoor? We moeten beginnen met ons te realiseren dat Jezus altijd het beste voor onze zielen wil, meer bepaald voor de redding van onze zielen en Hij zal geen enkel gebed belonen dat onze zielen zou beschadigen of de zielen van diegenen waar we voor bidden. De heilige Pater Pio zegde eens “dat voor iedere genade moet betaald worden” en wat hij daarbij bedoelde is dat voor grote genaden ook groot lijden komt. En als wij in onze zwakte geen groot offer of lijden verdragen of wanneer het ons zou wegtrekken van Jezus in de plaats van dichter bij Hem te komen dan zal Hij natuurlijk die grote genade waarom we vragen niet geven omdat het niet goed voor onze ziel is. Jezus hoort al onze gebeden en Hij schikt dingen in ons leven naar zijn Heilige Wil en naar datgene wat het beste is voor onze zielen. En als we aandachtig naar ons leven kijken zullen we zijn werking zien in kleine alledaagse dingen. Hij opent hier een deur en Hij sluit daar een andere deur in het belang van onze zielen. Maar Hij is altijd naast ons en staat ons bij.! Hij kijkt naar ons en moedigt ons aan, alhoewel we Hem niet zien en we dikwijls zijn alledaagse genaden en zijn werking in ons leven niet herkennen. Wanneer bijvoorbeeld Jezus bepaalde gebeden beantwoordde en een persoon genas  dan was daarna die persoon altijd dankbaar en streefde met geheel zijn of haar hart naar de heiligheid. En zo ook zegde de Heilige Pater Pio voor zulke buitengewone genaden zoals wonderbaarlijke genezingen enz. moet betaald worden omdat de meerderheid van de zielen deze buitengewone gaven niet ontvangt vraagt de goddelijke rechtvaardigheid zulke betaling wanneer wonderbaarlijke genaden worden verkregen. Dat is ook waarom wonderen dikwijls grote heiligen omringen! Ze kunnen van Hem wonderen en buitengewone genaden ontvangen maar het is dikwijls de heilige die daarvoor betaalt met een groot lijden. Wie onder ons kan zulk een buitengewoon lijden en opoffering verdragen dat vereist is om bv. een buitengewone genezing te bekomen en ondertussen zonder klacht dichter bij Jezus te komen en niet van Hem weg te gaan in pijn en lijden?  En moeten we ons daarom verwonderen dat Jezus de gebeden niet verhoort die dikwijls om buitengewone wonderen en genaden vragen?  We moeteen aanvaarden dat Jezus alleen datgene doet wat het beste voor ons is en we moeten Hem daarom vertrouwen en lief hebben! En als Hij niet lijkt te antwoorden op onze gebeden voor bepaalde genaden die we vragen, dan is dat omdat dat niet het beste is voor onze zielen en onze redding, of voor de redding van anderen waarvoor we bidden.

De vrije wil die God ons gegeven heeft  laat ons toe vrije keuzes te maken in ons leven volgens de intenties in ons hart! Iedere dag zendt Hij ons vele genaden, vele daarvan lijken ons heel natuurlijk en worden niet opgemerkt! Omwille van onze vrije wil, omsluierd Hij niet alleen zijn Wil voor ons, maar ook zijn aanwezigheid wordt niet gezien door ons, alhoewel Hij ons altijd zeer nabij is. Een kind zal zich altijd op zijn best gedragen wanneer het ziet dat zijn ouders naar hem kijken. Jezus verstopt zich altijd voor ons in ons leven. Hij wil zien hoe we ons gedragen in ons dagelijks leven terwijl  we ons niet bewust zijn van zijn aanwezigheid want het is dan dat wij Hem tonen wat we echt willen doen tijdens onze dagelijkse handelingen. Hebben we anderen lief uit liefde voor Hem of niet. En we moeten eraan denken dat Hij antwoord op al onze gebeden op die wijze die het beste voor onze ziel is.

 

PS: Voor een overzicht van alle waargebeurde verhalen van Greeth: zie Greeth’s Blog: overzicht waargebeurde verhalen.!

 

Voor eenieder die God (onze Schepper en Verlosser) echt beter wil leren kennen en liefhebben en danken:

 

Bestel het boek: Het leven van de heilige Jozef. Opgetekend door Maria Cäcilia Baij OSB

bij het Madonnacentrum Totus Tuus Frans van Dyckstr. 5 2100 Deurne. Tel. 032362015 Gsm 0497388277

E-mail: rozenkransm@gmail.com.

 

Het is een ontzagwekkend leven en bijzonder dankbaar als de ingoede God jou dit ongekend mooie boek wil doen zien lezen; het geeft vooral op de eerste plaats een veel diepere liefde tot onze Schepper en Vader die hierin diep naar voren komt!

Alle Zegen voor u…. Greeth,

 

 

DE GEHEIMEN VAN DE ROZENKRANS MET MARIA

december 2, 2018
DE H.GRIGNION DE MONTFORT.

Korte beschouwingen over de geheimen van de rozenkrans; door de H.Louis-Marie Grignion de Montfort. Uit het “Gouden boek”; blz. 588.

DE BLIJDE GEHEIMEN VAN DE ROZENKRANS.

1e Geheim: DE ENGEL GABRIEL BRENGT DE BLIJDE BOODSCHAP AAN MARIA. Vrucht van dit geheim: NEDERIGHEID. Beschouw in vereniging met de H.Maagd de wonderbare vernedering, waartoe Hij afdaalt, die is “de afstraling van het eeuwig licht, de vlekkeloze spiegel der goddelijke schoonheid en het evenbeeld van zijn goedheid” en bedenkt, dat Hij zulks doet om te voldoen voor uw hoovaardij. Wens Maria geluk met haar grootheid en overweeg hoe peilloos de diepte van haar nederigheid moet zijn geweest nu Zij thans verheven is tot de waardigheid van Moeder van God! Hoe ver bent u er van verwijderd, Haar te gelijken, gij, zo ijdel en zo begerig naar de achting van de wereld. Verneder u en neem ernstige middelen te baat om deze noodzakelijke deugd, zonder welke al de andere  niets zijn, te verkrijgen!

2e GEHEIM: MARIA BEZOEKT HAAR NICHT ELISABETH

MARIA BEZOEKT HAAR NICHT ELISABETH
Vrucht van het geheim: Naastenliefde.

2E GEHEIM; MARIA BEZOEKT HAAR NICHT ELISABETH. Vrucht van het geheim: de naastenliefde. Volg de H.Maagd naar haar nicht Elisabeth en terwijl gij u doordringt van dit geheim, aanbid uwe Jezus, die door Maria het goddelijk liefdevuur in de zielen begint te ontsteken. Hoe groot is nu reeds zijn liefde voor u! Hoe vurig  verlangt deze God en Zaligmaker naar de dag, waarop Hij zich op de Calvarieberg voor uw zaligheid zal opofferen!… Hoe is het met uw naastenliefde? Hebben uw medemensen niets van u te lijden? Zie, waarin de H.Maagd met betrekking tot deze deugd beterschap van u verlangt en vraag Haar, uw hart in brandende liefde tot de naaste te ontsteken.

Jezus wordt geboren in een stal te Bethlehem.

3e  GEHEIM; JEZUS WORDT GEBOREN IN EEN STAL TE BETHLEHEM. Vrucht van het geheim: Verachting van de rijkdommen en liefde tot de armoede. Welke armoede in de stal van Bethlehem!  Een weinig stro! Enige windsels, die ternauwernood het Goddelijk Kind tegen de strenge kou beschutten! Arme herders, die zijn hofstoet vormen!  Bewonder deze staat van ontbering welke slechts het voorspel is van alles, wat Jezus zal te lijden hebben, totdat Hij op de Calvarieberg an zijn kleren beroofd zal worden. Besluit daarom tot een volmaakte onthechting van alle schepselen, en bid Maria met het levendigst vertrouwen om de daartoe benodigde genade.

Maria uw hart zal doorboord worden!

4E  GEHEIM: JEZUS WORDT IN DE TEMPEL AAN GOD OPGEDRAGEN. Vrucht van het geheim: Grote zuiverheid naar ziel en lichaam. Aanbid, in vereniging met uw hemelse Moeder vol eerbied het Kind Jezus op de armen van Simeon en leer uit dit geheim, hoe Hij zich bij voorkeur meedeelt aan de zuivere en onthechte zielen: “De eeuwige Wijsheid is de uitstraling van de kracht Gods en de reinste uitstorting van de klaarheid van de Almachtige. Zij woont niet in een ziel, waarin de zonde zich bevindt”. Heb daarom een grote liefde tot de zuiverheid, die u aan de Engelen gelijk maakt en u zo innig met God verbindt. Herinner u, dat gij deze deugd slechts verkrijgt door veel waakzaamheid over uw zinnen en vooral door een tedere godsvrucht tot Maria.


5e GEHEIM; JEZUS WORDT IN DE TEMPEL TERUGGEVONDEN; Vrucht van het geheim: De ware wijsheid.

Wanneer gij de smart vereert van de H.Maagd, die drie dagen lang het Goddelijk Kind zoekt, treed dan in uzelf en onderzoek onder het oog van Maria, welke uw verlangens zijn om Jezus te bezitten! Waar zijn uw tranen, waar is uw droefheid, omdat gij nog zover van Hem verwijderd bent?…   Maria is de heilige magneet, die Jezus in de zielen trekt; wend u tot Haar!  Zij zal u leren, door een meer inwendig leven Hem weer te vinden in de tempel van uw hart, waar Jezus woont. Zij zal u leren, de herinnering aan zijn liefde, aan zijn schoonheid, aan de grote gaven, welke Hij u bezorgt, niet uit het oog te verliezen.

Jezus bidt in doodsangst tot zijn hemelse Vader.

DE 5 DROEVE GEHEIMEN VAN DEROZENKRANS:

6e GEHEIM; JEZUS BIDT IN DOODSANGST TOT ZIJN HEMELSE VADER. Vrucht van het geheim: Berouw. Hoor de liefdevolle klachten van Jezus in de Olijfhof: Mijn ziel is bedroefd tot stervens toe….. Mijn Vader, laat deze kelk aan Mij voorbijgaan…. Heb medelijden met de smarten van uw Moeder, terwijl gij Haar dit tientje opdraagt. Zij stortte zo dikwijls bitter tranen om uw fouten en om de zonden van de mensen. Vraag Haar, uw hart te treffen en u de genade van de vermorzeling van hart te verkrijgen; want tot nu toe hebt gij uw ongetrouwheden zo weinig beweend. Bid tevens om de bekering van een of ander grote zondaar en vooral om de genade van een waar berouw voor hen, die heden zullen sterven.

 

Jezus wordt gegeseld.


7E GEHEIM; JEZUS WORDT GEGESELD.; Vrucht van het geheim: Versterving van de zinnen. Aan welke mishandelingen, aan welke beschimpingen wilde de lieve Heiland van zijn doodsangst af tot aan zijn bloedige geseling uit liefde tot u zich onderwerpen! Wat een afschuw moet dit gezicht u niet inboezemen zelfs van de geringste zinnelijkheid, daar die zonde de zoete Jezus zo duur is komen te staan! Heb medelijden met de smarten, welke de H.Maagd bij dit ontzettend schouwspel gevoelde, en vraag Haar om de genade, uw zinnen te versterven. Zoveel zondaars gaan verloren door de liefde tot zinsgenot. Bid voor hen.

Jezus wordt met doornen gekroond.


Het 8E GEHEIM; JEZUS WORDT MET DOORNEN GEKROOND. Vrucht van het geheim: Verachting van de wereld. Beschouw, in welk een treurige toestand uw hoovaardigheid de goede Jezus, de Koning der koningen de Heer der heren, heeft gebracht. Aanbid Hem, nu Hij gekroond met doornen, met een purperen lap omhangen, als een spotkoning wordt behandeld door dit razende soldatengespuis, dat Hem met alle soorten van beschimpingen en mishandelingen overlaadt. Verenig u met Maria om door uw aanbidding, uw medelijden, uw liefde eerherstel te geven voor zoveel beschimpingen. Smeek Haar, Jezus in uw naam te danken en bid Haar om de genade, uzelf te leren kennen en u zodoende beter te leren haten en verachten.

Jezus draagt zijn kruis naar de berg van Calvarie.





9e GEHEIM; JEZUS DRAAGT ZIJN KRUIS NAAR DE BERG VAN CALVARIE. Vrucht van het geheim: Geduld in het lijden. Zie, met welk een liefde Jezus zijn kruis opneemt en omhelst; Hij ziet er het teken in uw zaligheid en het almachtige wapen, waarmee Hij uw vijanden zal neerwerpen! Bedank Hem en betuig tevens uw medelijden aan het Hart van Maria, dat zo wreed wordt verscheurd, als Zij haar Goddelijke Zoon ontmoet. Bewonder de ijver, waarmee Zij de smarten en vernederingen van haar Zoon gaat delen op de Calvarieberg. Hoe is het met uw overweging bij uw kleine beproevingen? Welke achting hebt gij voor het kruis? Verneder u over de vele ongeduldigheden, waaraan gij u hebt schuldig gemaakt en smeek de H.Maagd, u te doen beseffen, hoe voordelig het voor u is, dat gij opmerkzaam wordt gemaakt op uw gebreken, en gestraft voor uw hoovaardigheid en uw fouten.

Jezus sterft aan het kruis.


Het 10e  GEHEIM; JEZUS STERFT AAN HET KRUIS. Vrucht van het geheim: De bekering van de zondaars, de volharding van de rechtvaardigen en de vertroosting van de arme zielen in het vagevuur. Overweeg, wat het de H.Maagd heeft gekost u te baren tot het leven van de genade! “Alle wreedheden aan de lichamen van de Martelaren gepleegd”, zegt de H.Anselmus, “zijn weinig of niets in vergelijking met de overmaat der smarten van Maria”. Eer dan deze Koningin van de Martelaren, die zoveel voor u heeft geleden; heb medelijden met haar diepe droefheid en zeg tot Haar met de profeet: “O Maagd, Dochter van Sion, waarmee zal ik uw smart vergelijken? Zij is onmetelijk als de zee!”. Wees, naar het voorbeeld van Jezus en Maria, bereid voor het heil van de zielen alles te lijden!.

DE GLORIEVOLLE GEHEIMEN:

JEZUS VERRIJST UIT DE DODEN.

11E GEHEIM; JEZUS VERRIJST  UIT DE DODEN. Vrucht van het geheim: Liefde tot God en ijver. Van welk een glans is Jezus op de dag van zijn Verrijzenis omgeven! Van welk een liefde, van welk een zaligheid wordt Maria’s Hart overstroomd, als Zij haar Zoon ontrukt ziet aan de armen van de dood! Verheug u met Haar, wens Haar geluk uit geheel de volheid van uw ziel; want Jezus ‘glorie is haar glorie! Zie, met welk een goedheid de verrezen Heiland zijn leerlingen en de heilige vrouwen  opzoekt! Dienaar van Maria, met een zelfde liefde vervolgt Hij u, Hij zo verlangend zich aan u mee te delen; maar uw ziel is zó nalatig en zo lauw!  Werp u aan de voeten van Maria, vraag Haar met vertrouwen om ijver en liefde tot God. Die goede Moeder is met zoveel verrukking over de verrijzenis overstelpt, dat Zij u niets kan weigeren.

12E GEHEIM; JEZUS STIJGT OP TEN HEMEL. Vrucht van het geheim: Verlangen naar de Hemel.  Aanschouw met Maria, hoe Jezus vol majesteit zich verheft, omgeven van engelen en van de zielen, die Hij uit het voorgeborgte heeft bevrijd. Welk een heerlijke zegepraal!  Welk een eer, welk een vreugde voor geheel de hemel!  Wens de H.Maagd geluk met de heerlijkheid van haar Goddelijke Zoon, en tracht door te dringen in haar Hart. Vraag Haar, u iets mee te delen van de gevoelens, welke Haar na de Hemelvaart bezielde “zo groot was het verlangen van Maria om met God verenigd te zijn, dat er een voortdurend wonder nodig was, wilde Zij te midden van zulk een liefdegloed blijven leven”.  Welke zijn uw gevoelens? Gij verlangt naar Jezus; is dit verlangen oprecht?  Gij bidt om de Hemel: wat doet gij om hem te veroveren? O, dat ook wij, evenals Maria, alleen dachten aan Jezus, de Mensgeworden Wijsheid; dat ook wij dikwijls dachten aan zijn schatten, aan zijn vurig verlangen om ons in de Hemel te hebben!  Hoeveel grootmoediger zouden wij dan zizjn in zijn dienst!  Met welke ijver zouden wij alle uit de weg ruimen, wat ons een beletsel kan zijn voor onze vereniging met Jezus!  Vraag Maria om die genade.

12E GEHEIM; JEZUS STIJGT OP TEN HEMEL. Vrucht van het geheim: Verlangen naar de Hemel.  Aanschouw met Maria, hoe Jezus vol majesteit zich verheft, omgeven van engelen en van de zielen, die Hij uit het voorgeborgte heeft bevrijd. Welk een heerlijke zegepraal!  Welk een eer, welk een vreugde voor geheel de hemel!  Wens de H.Maagd geluk met de heerlijkheid van haar Goddelijke Zoon, en tracht door te dringen in haar Hart. Vraag Haar, u iets mee te delen van de gevoelens, welke Haar na de Hemelvaart bezielde “zo groot was het verlangen van Maria om met God verenigd te zijn, dat er een voortdurend wonder nodig was, wilde Zij te midden van zulk een liefdegloed blijven leven”.  Welke zijn uw gevoelens? Gij verlangt naar Jezus; is dit verlangen oprecht?  Gij bidt om de Hemel: wat doet gij om hem te veroveren? O, dat ook wij, evenals Maria, alleen dachten aan Jezus, de Mensgeworden Wijsheid; dat ook wij dikwijls dachten aan zijn schatten, aan zijn vurig verlangen om ons in de Hemel te hebben!  Hoeveel grootmoediger zouden wij dan zijn in zijn dienst!  Met welke ijver zouden wij alles uit de weg ruimen, wat ons een beletsel kan zijn voor onze vereniging met Jezus!  Vraag Maria om die genade.

13E GEHEIM. DE NEDERDALING VAN DE H.GEEST. Vrucht van het geheim; Nederdaling van de H.Geest. Doordring u goed van dit geheim. Breng eer aan uw Moeder, nu zij te midden van de leerlingen is gezeten in het cenakel en de H.Geest ontvangt…. Met welk een volheid van genaden wordt Zij op die Pinksterdag verrijkt!  Verberg u met Haar en vraag Haar voor uzelf en voor haar liefdeslaven de genade, altijd met haar allerheiligst Hart te worden verenigd. Herinner u het woord van de Zal. de Montfort: “Wanneer de H.Geest Maria in een ziel gevormd ziet, vliegt Hij er heen; Hij daalt met zijn overvloed over haar neer, om haar met zijn geschenken te overladen, vooral met de gave van wijsheid en ere wonderen van genade te bewerken.

14E GEHEIM; MARIA WORDT IN DE HEMEL OPGENOMEN. Vrucht van het geheim: Liefde tot Maria.  Laten wij in de geest de laatste ogenblikken van onze Moeder bijwonen.  Welk een zoete dood, die dood van Maria!  Bezocht door Jezus, haar Zoon, overstelpt van zaligheid sterft Zij ui liefde, evenals Zij geleefd heeft. Bid Haar om die genade voor uzelf en voor allen, die u dierbaar zijn.  Enige Apostelen zijn bij het sterfbed van de Allerheiligste Maagd tegenwoordig. Zij zijn ontroostbaar over de scheiding. Met welk een goedheid lenigt Maria hun smarten. Zij troost hen, zegent hen en geeft hun de verzekering van haar machtige voorspraak bij Jezus. Stel u voor, dat Zij hetzelfde doet voor u en dat Zij om uw hart door een heilig vertrouwen te verruimen, met innige liefde tot u zegt: Mijn kind, vrees niets, ik ben uw Moeder, ik ga naar de Hemel, om u een woning voor te bereiden.  O God!  Welk een woord!  Maria mijn Moeder! en welk een Moeder!  Geheel goedheid en geheel medelijden, mijn smarten en mijn ellende volmaakt kennend en vol verlangen te leningen.

Maria wordt in de Hemel gekroond.


15e GEHEIM; MARIA WORDT IN DE HEMEL GEKROOND. Vrucht van het geheim: Volharding in de genade, de kroning met glorie.  Volgens wij Maria, de H.Maagd nu Zij zich ten hemel verheft, geleund op haar Welbeminde, omgeven van een schaar van Engelen en Heiligen.  Welk een verrukkelijke stoet!! Wat een gejubel, als deze koningin haar intocht doet in de hemel!  Van welk een vreugde en heerlijkheid wordt Maria overstroomd, als Zij plaats neemt aan de Zijde van de Allerheiligste Drievuldigheid op een heerlijke troon en gekroond wordt als de geliefde Dochter van de Vader, als de bewonderenswaardige Moeder van de Zoon, als de allertrouwste Bruid van de H.Geest! Wanneer de geringste van de uitverkorenen reeds zo grote zaligheid geniet, hoe groot moet dan de zaligheid van Jezus’ Moeder niet zijn!….. Doch wat kunnen wij zeggen, wij, die nog uit dat lieve vaderland verbannen zijn?  Laten wij zwijgend bewonderen en onze Moeder gelukwensen met alle Zaligen die op deze dag een nieuwe vreugde een nieuwe glorie ontvangen.   O heilige stad Gods, verheven Maagd, wat al volmaaktheden in U, die de uitverkorenen in verrukking brengen!  Welk een glans! Welk een schoonheid!  Welk een wonderbare macht! Welk een wijsheid!  Welk een licht! Welk een liefde vooral voor uw arme kinderen op aarde. O goedertierenste Moeder, laat mijn hart iets daarvan kennen, opdat ik, geheel door uw bekoorlijkheden verrukt, het  leven een last acht en dat ik kwijn van verlangen, omdat ik mij nog zo lang van U gescheiden zie.  Ach,  wat zal er van mij worden, als Gij, hemelse Moeder, geen medelijden hebt met uw kind, dat hier gevangen, aan ontelbare gevaren blootgesteld, door duizend hartstochten meegesleurd, een speelbal is van alle soorten van vijanden. Wee mij, ongelukkige; wie zal mij bevrijden van dit lichaam des doods!  Gelijk het dorstig hert smacht naar de bron, zo verzucht ik naar U, Heilige Maagd. Mijn ziel smacht van verlangen U te aanschouwen. Wanneer zal het mij gegeven zijn, U eeuwig in de hemel te bezitten.

GEBED VOOR DE PRIESTERS

november 5, 2018

1527867174284 (1).jpg

Gebed voor de priesters.

Goddelijke Verlosser, Jezus Christus. Gij hebt uit de gemeenschap der gelovigen priesters uitgekozen om Uw verlossingswerk voort te zetten tot heiliging van uw volk en tot redding van de wereld.

Door de handen van Uw allerheiligste Moeder draag ik U vandaag op voor de heiliging van de priesters en van toekomstige priesters al mijn gebeden en werkzaamheden, al mijn kruisen en offers.

Geef ons waarlijk heilige priesters, mannen vol van de heilige Geest, die niets anders zoeken dan Uw meerdere eer en het heil van de zielen.

Neem hen niet weg uit de wereld, maar behoed hen voor het kwaad en voor alles, wat hun deugd in gevaar kan brengen of een vlek zou werpen op de verhevenheid van hun staat!

En Gij, Maria, Moeder van de Kerk, neem alle priesters onder uw bescherming en breng de verdwaalde, die hun heilige roeping ontrouw zijn geworden, met uw zachte Moederhand weer terug naar uw Goddelijke Zoon, de goede Herder!

Amen.

JEZUS IN HET ALLERHEILIGST SACRAMENT EN DE ALLERHEILIGSTE MAAGD.

november 5, 2018

Uit het boek “Het Gouden Boek” van de H.Grignion de Montfort. (Blz. 417 /419).

 

 

 

Foto's-0002 (2).jpg

Allerheiligst Sacrament des Altaars! Welke wonderen van liefde vermeldt dit enkel woord aan mijn hart!

Allerheiligst Sacrament, waar Jezus, zoete Gevangene, immer voldoet voor mijn zonden, met zijn grootste gunsten mij overstelpt en zich zo innig met mij wil verenigen!

Allerheiligst Sacrament, waar ik ten volle ook mijn liefde kan bevredigen voor Maria, zo terecht genoemd het Hoogwaardig, het Tabernakel van Jezus, en de Voedstermoeder van de kinderen Gods.

Overal, waar Jezus is, zegt een heilige, “in de hemel en op aarde, in onze tabernakelen en in onze harten, is Hij immer de vrucht van Maria”.  Woord vol hemels licht dat mij de innige betrekking openbaart, welke er bestaat tussen het Allerheiligst Sacrament en de Allerheiligste Maagd, en mij te zelfder tijd toont, welk deel Maria moet hebben in de eerbewijzen, welke ik aan het allerheiligst Sacrament bewijs.  “Bedenk wel,” zo zegt ons de H.Petrus Damianus, “hoe groot uw verplichting is ten opzichte van de gelukzalige Moeder van de Heer. Op het altaar immers bezitten wij hetzelfde lichaam van Jezus Christus, dat door deze verheven Maagd is gebaard, aan haar boezem is gedragen, in doeken is gewonden en met een zo hartelijke toegenegenheid is gevoed.

“Kortom, gelijk wij weldra zullen zien, is het Maria, die ons Jezus geeft in het Allerheiligst Sacrament en die door Hem ons te geven, ons een gedeelte van haar eigen zelfstandigheid meedeelt, volgens het woord van de H.Augustinus: Het vlees van Jezus is het vlees van Maria.

Niet, dat wij in de eigenlijke zin van het woord het vlees van Maria ontvangen; wij willen alleen zeggen, dat het aanbiddelijk vlees van onze Heer, hetwelk ons in het Allerheiligst Sacrament gegeven wordt, geheel en al en uitsluitend gevormd is uit de onbevlekte zelfstandigheid van de Allerheiligste Maagd.

Kind van onze goede Moeder, wat zullen wij Haar voor een zo grote weldaad teruggeven? Maar als Maria ons Jezus geeft in het heilig Sacrament, leert Zij ons tevens, welke eerbewijzen wij aan de heilige mensheid van onze Heer moeten brengen.

 

 

 

DSCI0732 (2).JPG

Maar als Maria ons Jezus geeft in het heilig Sacrament, leert Zij ons tevens, welke eerbewijzen wij aan de heilige mensheid van onze Heer moeten brengen.

Tot Haar dus moeten wij hiertoe onze toevlucht nemen, aan haar heilig Hart moeten wij de gesteltenissen ontlenen, hetzij om het H.Misoffer bij te wonen of te communiceren, hetzij om onze aanbidding te brengen aan de goddelijke Gevangene in het Tabernakel.

Laten wij op de eerste plaats van onze hemelse Moeder leren, hoe wij het H.Misoffer moeten bijwonen!

 

 

DE OVERWEGING, samen met Maria

oktober 20, 2018

DSCI0762 (3).JPG

De overweging.

Uit het Gouden boek van de H.Grignion  de Montfort.DE OVERWEGING, SAMEN MET MARIA.

(Uiterst kostbaar !; Greeth)

Wanneer wij ons tot Maria wenden, worden wij spoediger verhoord, zegt de H.Anselmus, want God kan Haar niets weigeren!

DE OVERWEGING:

Ik ben de Moeder van de schone liefde, der erkenning, de heilige hoop. In mij is alle genade van de weg en van de waarheid. In mij is alle hoop des levens en deugd. Komt allen tot mij, die naar mij met vurigheid verlang. (Eccli. XXIV, 24-29.

Ziedaar de woorden, welke de Heilige Maagd tot u richt, om uw verlangen naar en uw vertrouwen in het gebed op te wekken; bijzonder geldt dit het inwendig gebed, hetwelk wij <overweging of meditatie> noemen.

De overweging! Hoe noodzakelijk is zij voor u, om de uitgelezen genaden te verwerven, welke gij nodig hebt te midden van de vele valstrikken welke u gespannen worden, en om weersstand te  bieden aan de ontelbare bekoringen vaan uw vijanden. Kind van Maria, wilt gij de gunst van uw hemelse Moeder genieten? Bemin dan, gelijk Zij, de overweging. Vanaf haar prilste jeugd, wijdde Zij zegt de H.Hieronymus, een groot gedeelte van haar tijd aan het inwendig gebed. Leg u, zoveel mogelijk, insgelijks op deze godvruchtige oefening toe, minstens een kwartier iedere dag, en beveel u, om er u goed van te kwijten, aan Haar, die zo terecht genoemd wordt de Meesteres in de wetenschap Gods en de Leidsvrouwe van Gods werken.

Men vroeg op zekere dag aan de H.Eleazarus, tot welke beschermheilige hij zijn toevlucht nam, om zo goed zijn overweging te houden. Tot de Allerheiligste Maagd, luidde het antwoord:

Ik beschouw op de eerste plaats mijn onwaardigheid, mijn diepe ellende. Vervolgens wend ik mij tot deze beminnelijke Moeder en vraag Haar, dat Zij in mijn hart en in mijn mond legt, hetgeen het meest aan Haar zelf en aan haar Zoon behaagt. Dan bid  ik een Weesgegroet. Vanaf dat ogenblik ontbreekt het mij nooit aan nieuwe stof in betrekking tot deze goddelijke dingen.

 

Doet gij eveneens. Verneder u diep, overweeg vervolgens enige ogenblikken, hoe vol gebreken u bent, hoe arm aan deugden, hoe ver van de volmaaktheid, die uw titel van kind en slaaf van Maria zou doen veronderstellen. Wend u vervolgens tot de Allerheiligste Maagd met gevoelens van het meest kinderlijk vertrouwen! Zeg Haar bijvoorbeeld: Goede Moeder, ik stel in uw handen de drie vermogens van mijn ziel. Verricht Gij het inwendig gebed in mij. Wees in mijn geheugen, om er alle herinneringen uit te wissen dan aan Jezus; in mijn verstand om er alle andere kennis uit te drijven; in mijn wil om er elke andere begeerte in uit te roeien.

II. Wat nu de eigenlijke overweging zelf betreft, zijn er vooral twee bijzonder gewichtige punten in het oog te houden. De Allerheiligste Maagd zal graag zien, dat gij daarvan bij iedere overweging bijzonder werk maakt. Het eerste is, altijd een of ander bepaald besluit te maken betreffende uw gedrag, bv. deze of gene kleine hartstocht versterven, welke ons beheerst. deze of gene voor onze ziel gevaarlijke gelegenheid vluchten, een of andere deugd van uw Heilige Moeder navolgen, bijzonder haar verzameling des geestes. De Heilige Theresia zegt aangaande de meditatie: <Het grote nut voor de ziel is niet gelegen in veel aan God te denken, maar in Hem edelmoedig te beminnen en deze liefde verkrijgt men door het besluit te maken, veel voor Hem te werken>.

Ik voor mij, aldus gaat zij voort, zou geen ander inwendig gebed verlangen dan hetwelk mij doet toenemen in deugden.

Het tweede punt, waarop het vooral aankomt, is de aanbeveling van de ziel aan God. Dit is het meest edele deel van de overweging. Wat meer is: zich aan onze Heer en aan Maria aanbevelen, is het eigenlijke, het wezen van het inwendig gebed. Men noemt dit het <vraag- of smeekgebed>, gebed, waardoor naar Cassianus vermeldt, de Vaders van de woestijn zich geheiligd hebben. Zij hadden zonder ophouden de woorden in de mond, waarvan de Kerk zich bedient bij de aanvang van de Kerkelijke getijden: < O God, kom mij te hulp> . Zeg dus in het vervolg nooit meer: <De meditatie wil mij niet gelukken>, Lees het onderwerp van uw overweging, dat gij zoveel mogelijk reeds de avond te voren moet voorbereiden en kunt ge u niet inwendig met de Allerheiligste Maagd onderhouden, bedien u dan van een boek. Plaats u aan de voeten van de H.Maagd als een behoeftige, aan wie alles ontbreekt, zelfs de ademtocht om te leven. Leg voor Haar, om des te zekerder haar medelijdend Hart te treffen, al uw ellende bloot. Verlaat u op haar goedheid, haar machtige voorspraak. Bied Haar de verdiensten aan van haar goddelijke Zoon. Herinner  Haar aan zijn beloften. Zeg haar, diep doordrongen van uw nietigheid: <Wat verliest Gij er bij, o mijn Meesteres, met mij te geven wat ik U vraag? Voor mij zal het een onuitsprekelijke gave zijn. Maar aan U, die de Schat Gods, de Uitdeelster van Gods genaden bent, wat kan het aan U kosten? Die gunst, o Moeder, smeek ik af van uw goedheid, van uw Hart zo zoet en zo geneigd tot medelijden met de ellende van uw kinderen. Zou Gij ze mij dan kunnen weigeren?>

Volg om Haar nog beter te treffen, de bedelaars na, die hun lompen en lichaamsgebreken voor de ogen van de voorbijgangers uitstallen. Doet gij eveneens en zeg: <Maria aanschouw dit of dat gebrek van mijn ziel; sla uw ogen op dat trots hoofd, dat hovaardig hart en help mij, mij te beteren>

Laat het een andere keer de lust van uw hart zijn, u met de Allerheiligste Maagd zelf te verenigen om over het Hart van God te zegevieren. Met Haar zult u dan de verdiensten van Jezus, uw Goddelijke Zaligmaker, aan God aanbieden; gij zult met vertrouwen alle genaden vragen, waaraan ge behoefte hebt, zelfs de deugden in een heldhaftige graad, terwijl u zegt met de H.Bernardus: <Het is waar, Heer, dat ik niets bezit, maar de wonden van Jezus zijn mijn verdiensten>.

Als ik te uwer liefde het bloed had vergoten, dat uw goddelijke Zoon vergoten heeft, zou U mij dan geen genade schenken? Met hoeveel meer reden zult U mij dan vergiffenis schenken met het oog op het lijden en de dood, die Hij heeft willen verduren voor mij. Draag op deze wijze, hetzij aan de voeten van Maria, hetzij in vereniging met Haar, uw smekingen aan God op en wees er verzekerd van, dat dit het vruchtbaarste, het gemakkelijkste en het belangrijkste gebed is van alle! En zult ge niet in staat zijn, iets anders te doen gedurende de meditatie, herhaal dan desnoods honderd en nog eens honderd malen, uit de grond van uw hart, het schietgebed dat u het meest behaagt. Al zult u niets anders doen dan het herhalen: < O Moeder, heb medelijden met uw arm kind en slaaf,> meent ge dan, dat die kreet van uw hart, het zo medelijdend Hart van de Allerheiligste Maagd niet zou treffen? Zelfs de stomme beelden, die de paleizen versieren, dragen het hunne bij om de koning te eren>, zegt de H.Franciscus van Sales. Ditzelfde geldt van u; zelfs al bent u tijdens uw gebed gelijk een met rede begaafd beeld, dat slechts van tijd tot tijd de ogen opent om ze op Maria te vestigen, dan zult ge niet zonder verdiensten blijven en gij zult Jezus en uw hemelse Meesteres glorie schenken. Breng bij het einde van uw overweing uw dank aan deze getrouwe Maagd en geef u geheel aan Haar over, opdt Zij in u beware al de genaden, welke Zij u gedurende het inwendig gebed heeft verworden, alsook al de besluiten welke gij gedurende die tijd zult hebben gemaakt. Als gij nog weinig of niet gevorderd bent in de oefening van de vereniging met Maria, dan zal het niet het minst vruchtbare van uw voornemens zijn, het erngstig besluit te maken, voortaan die zo gemakkelijke en voor de volmaaktheid zo geëigende weg te bewandelen. Stort, tot besluit, uw ziel voor de Allerheiligste Maagd uit en zegg Haar: < O zoete Meesteres, waarom kan ik niet de gehele dag aan uw voeten zijn, om U te zegenen, uw lof te bezingen en U alle genaden te vragen, waaraan ik behoefte heb? Ik verlang daar althans te blijven in de geest; daartoe verenig ik mij met alle godvruchtige zielen, die U heden vanuit dit tranendal met zoveel geluk haars harten zullen zegenen en U met zoveel ijver zullen dienen. Ik wens tegelijk te kunnen zijn in alle heiligdommen van de weeld, waar Gij ter wille van een uwer deugden of een uwer bewonderenswaardige voorrechten op bijzondere wijze vereerd wordt. Maar dit is niet genoeg. Ik wil mij verenigen met alle Heiligen van de Hemel, vooral met hen, die U hier beneden het meest bemind hebben. Ik bied U hun lofprijzingen, hun eerbewijzen, hun liefde aan. Maar omdat er geen U aangenamer offerande bestaat dan Jezus, uw Zoon, zo verenig ik mij met zijn goddelijk Hart om U te prijzen, U te zegenen, U te beminnen, gelijk Hij zulks gedaan heeft op deze aarde en het thans doet in de Hemel. Zegen mij, mijn Moeder,… zegen al uw ware kinderen….> Als gij er de tijd voor heeft, kunt u deze gevoelens verder ontwikkelen. De H.Lucas zegt van de Allerheiligste Maagd: < Maria nu bewaarde al deze woorden in haar hart.>  Doe gelijk uw hemelse Moeder; herinner u zo dikwijls gij kunt, door de dag , hetgeen u s’morgens hebt overwogen en onderzoek dan tijd tot tijd door een eenvoudige terugblik op uzelf, bijvoorbeeld bij het slaan de de klok, of gij getrouw zijt aan uw voornemens.



 

 

 

 

 

DE MEDAILLE VAN SINT BENEDICTUS

januari 17, 2018

Uit het blad: Tijdschrift van de rozenkrans; nr. 476.
DE MEDAILLE VAN SINT BENEDICTUS

Het aantal bekeringen die bekomen werden dank zij de Medaille zijn niet te tellen.

dsci0743

Sint Benedictus (480-547) werd geboren in een adellijke familie in Nursia (momenteel noemt dit Norcia) in Umbrië, in de buurt van Perugia. Zijn ouders hadden een buitenverblijf in de buurt, maar ze verbleven meestal in hun paleis te Rome. Het meeste dat we over zijn leven weten komt uit de geschriften van Paus Gregorius de Grote.
Benedictus is vooral gekend als stichter van de Benedictijnenorde en zijn beroemde kloosterregel alsook door de bekende, miraculeuze medaille. Benedictus bracht zijn kinderjaren door in Nurcia. In de leeftijd van 14-15 jaar liet zijn vader hem nar Rome komen om er te studeren. Maar Benedictus zag dat het studenten milieu verdorven was en dat hij er zijn ziel ging verliezen. Bij besloot dan zich terug te trekken in de heuvels om er te leven als kluizenaar. Dit was wel gebeurd met de toelating van zijn ouders, die ook zijn gouvernante meestuurden om hem te helpen. Op een dag had ze een wan geleend om het koren te zeven maar ze brak ze op een ongelukkige manier en ze was daarover zeer bedroefd. Benedictus bad en de wan was dadelijk hersteld zonder de minste scheur. Het bovennatuurlijke grijpt gedurende geheel zijn leven plaats en de wonderen volgen zich op.
Kort na dit evenement en om een soberder leven te kunnen leiden besloot hij afscheid te nemen van de toegewijde gouvernante en trok hij zich terug in de bergen van Subiaco waar hij in een grot leefde en allerlei verstervingen deed. Na korte tijd werd hij ontdekt en zijn faam trok allerlei leerlingen aan. Het leven van gebed en boete stond de vijand van God en de mensen niet aan en deze zond hem een sterke aanval van onkuisheid. Benedictus trok zijn kleren uit en wentelde zich in de netels en de doornen tot geheel zijn lichaam bebloed was. De vijand sloeg op de vlucht en “de bekoring van het vlees werd zo sterk getemd dat hij geen enkele aanval meer voelde”.
Kloosterlingen uit de buurt die hun abdij verloren hadden vroegen hem hun leider te worden, maar weldra werden ze ontevreden over het harde leven dat hun nieuwe overste hen oplegde. Ze zochten zich van hem te ontdoen met behulp van een gifdrankje. Benedictus maakte van op afstand een kruisteken en de beker brak dadelijk in stukken. Dit wonder brengt de kracht van het Kruisteken naar voren. Een kracht die vereeuwigd werd in de beroemde medaille gewijd aan de heilige.
Heel jong nog stichtte Benedictus vanuit Subiaco twaalf kloosters met in ieder twaalf kloosterlingen en een overste. Na enige tijd deden vervolgingen van diverse aard hem Subiaco verlaten en hij trok naar de berg Montecassino waar hij een klooster stichtte dat vandaag nog steeds het meest beroemde klooster is van de Benedictijnen.
Volgens bepaalde tradities stamt de medaille vanuit de tijd van de heilige. In ieder geval werd ze slechts algemeen bekend in het midden van de elfde eeuw tengevolge van een wonderbaarlijke genezing van een jonge heer die gebeten werd door een serpent. Deze beet weerstond aan elke behandeling en de zieke was reeds in doodstrijd. Het is dan dat hij in zijn droom een eerbiedwaardige ouderling zag, die hij herkende als zijnde de Heilige Benedictus. De Heilige raakte de wonde aan met het kruis dat Hij in zijn hand hield en de kwaal verdween dadelijk zonder enig spoor achter te laten. Kort daarop werd de jonge man kloosterling, en veel later besteeg bij de pauselijke troon onder de naam Leo IX.

Zoals men wel kan vermoeden was hij een groot voorstander van de devotie tot de Heilige Benedictus. Hij werd gecanoniseerd. In de zeventiende eeuw werden in Beieren heksen gevangen genomen omdat ze praktijken van hekserij ondernomen hadden tegen inwoners van Nattreemberg. In de loop van hun proces verklaarden ze dat ze niets hadden kunnen doen tegen de abdij van Metten en ze zeiden dat het was omdat de kloosterlingen een afbeelding van de medaille van Sint Benedictus tegen de muren geplaatst hadden. Dit proces had als effect dat de devotie voor de medaille van Sint Benedcitus wakker gemaakt werd.

De medaille van Sint Benedictus heeft op de ene zijde het beeld van de heilige met het Kruis in de rechterhand. Op de andere zijde ziet men een zeker aantal letters die ieder het initiaal van een latijns woord vormen. Het Kruis herinnert ons aan het heilig teken van onze redding, terwijl de tekst aan de gelovigen de formules geeft die hun toelaten door de deugd van het Kruis van de Redder de slechte geesten te weerstaan. Vier letters werden aan de ene en de andere zijde van de verticale en van de horizontale balk van het kruis geplaatst, dat zijn: C S P B wat betekent “Crux Sancti Patris Benedicti”(Kruis van de Heilige Vader Benedictus.” Op de verticale balk van het kruis kan men lezen: C S S M L wat betekent “Crux Sacra Sit Mihi Lux” (Dat het Heilig Kruis mijn Licht weze). Op de horizontale balk van het kruis kan men lezen: N D S M D wat betekent “Non Draco Sit Mihi Dux” (Dat de draak mij niet tot leider weze). En rond de medaille leest men: V R S N S M V – S M Q L I V B. De eerste groep van letters is de afkoring van “Vade Retro Satana, Nunquam Suade Mihi Vana” (Ga weg Satan, verleid mij nooit tot ijdel gedrag); de tweede groep vervolledigt dat men de woorden “Sunt Mala Quae Libras, Ipse Venena Bibas”(Wat je wil is vergif, drink zelf je gif).
Het eerste deel van de tekst maakt allusie naar een bekoring waarover Sint Benedictus zegevierde door het teken van het Kruis, terwijl de tweede betrekking heeft op de beker met vergiftige drank, die brak door een kruisteken. In deze teksten is het Sint Benedictus die tot Satan spreekt om hem te doen vluchten.
De woorden “Vade Retro Satana”zijn dezelfde woorden die Jezus in de woestijn tegen de Bekoorder gezegd heeft om hem terug te dringen. Boven het Kruis is de naam van Jezus geschreven (IHS), waarvan de deugd almachtig is. Dikwijls voegt men er het woord PAX aan toe, het devies van de Benedictijnenorde.

De genaden geestelijk en lichamelijk bekomen via de medaille van de Heilige Benedictus zijn ontelbaar. Zeker, het gaat niet om een talisman en men moet er geen gebruik van maken uit superstitie! Het is altijd de goddelijke barmhartigheid die men met vertrouwen moet aanroepen, door de verdiensten van de heilige Benedcitus!
Het is aanbevolen verscheidene Ave’s en Gloria’s op te zeggen evenals de gebeden gegraveerd op de medaille: “Dat het Heilig Kruis mijn Licht weze en dat de draak mij niet tot leider weze. Ga weg Satan, verleid mij nooit tot ijdel gedrag; wat je wil is vergif, drink zelf je gif.”

De medaille moet gezegend worden door een priester. Er is een speciaal gebed, wat lijkt op een klein exorcisme, om dit te doen. Diegene die steeds de medaille bij zich draagt kan een volledige aflaat krijgen onder de klassieke voorwaarden (biecht, communie, gebeden voor de intenties van de Paus).
Bescherming tegen de duivel:
In behekste woningen, die onbewoonbaar werden, was het voldoende om op één van de muren een medaille van Sint Benedictus te plaatsen opdat alles dadelijk ophield.
De medaille van Sint Benedictus is zeer efficiënt gebleken tegen spiritisme. In een salon waar men de tafels wil laten draaien volstaat het dat één iemand de medaille bij zich heeft, opdat niets meer werkt.
In de oude missielanden (Africa, Latijns Amerika, Azië) hebben vele missionarissen de werken van de tovenaars kunnen beletten dank zij de medaille van Sint Benedictus.

Geestelijke genaden:
Het aantal bekeringen die bekomen werden dank zij de Medaille zijn niet te tellen!
Te Arbois in de Jura, was een man, die niet ophield te vloeken, getroffen door een ongeneeslijke ziekte. Toen men zag dat zijn einde naderde, liet zijn omgeving een priester komen, maar hij beledigde hem en weigerde hem te ontvangen. De huisbediende stelde aan zijn meesteres voor een medaille van Sint Benedictus onder het oorkussen van de stervende te leggen. Een paar dagen later vraagt hijzelf om te biechten en hij ontvangt de absolutie in de beste omstandigheden. Een andere keer, een woeste antiklerikaal, die twee maal burgerlijk getrouwd was. De pastoor van de parochie bekwam van de vrouw van de ongelovige dat ze in de kleren en in het bed van de echtgenoot twee medailles van Sint Benedictus verborg. Veertien dagen later liet hij zijn vrouw weten dat hij een katholiek huwelijk wilde. Hij ging dadelijk te biechten, ontving de laatste sacramenten en daarna het christelijk huwelijk. Een uur later stierf hij terwijl hij het Kruis kuste.
Een militair was gekwetst aan de knie, toen de kwetsuur verergerde, dacht men er aan om het been af te zetten, en hij vloekte als een duivel. Zodra men een medaille van Sint Benedictus bij hem plaatste werd hij zacht als een lam, vroeg om te biechten en kort daarna stierf hij met de beste gevoelens van geloof en berouw.

Genezingen:
Zoals voor de geestelijke genezingen, zijn de lichamelijke genezingen door de hulp van de medaille van Sint Benedictus ontelbaar! Kwalen van alle aard, tyfus, buikloop, cholera, kanker, breuken,…. We kunnen er slechts enkele noemen.
In 1865 in het departement Herault had een meisje sinds twee jaar een tumor die zich op haar voorhoofd ontwikkelde en alle behandeling weerstond. Op een avond had ze het idee om gedurende de nacht een medaille van Sint Benedictus op haar voorhoofd te plaatsen en ze bad tot de heilige patriarch. Na een diepe slaap stelde ze vast dat de tumor totaal verdwenen was.
Hetzelfde jaar in Montauban, lag een vrouw 2½ jaar te bed, totaal verlamd. Op een dag kwam een zuster van Liefde op bezoek, die het idee had om haar een medaille van Sint Benedictus tussen de vingers te schuiven en ze kon dat slechts met veel moeite doen aangezien de spieren verkrampt waren. Dadelijk kreeg de zieke een hevige schok en riep uit: “Ik ben genezen”. Ze kon zich oprichten en de volgende dag ging ze naar de kerk om te bedanken.

Behoeden tegen gevaren:
We zouden nog vele gevallen kunnen citeren waarbij mensen hun toevlucht namen tot de medaille van Sint Benedictus in alle soorten gevaren en die wonderbaarlijk beschermd werden. Gevallen van brand, bliksem, epidemies, de meest verscheidene accidenten.
De medaille biedt vooral ook bescherming tegen aanvallen van de duivel!
De bescherming van de Heilige Benedictus beperkt zich niet enkel tot de mensen, maar geldt ook voor dieren: genezing van ziekten die weerstand boden aan iedere behandeling, stallingen die behoed werden in perioden van epidemieën.

PS:
Deze medaille kunt u bestellen bij:
http://www.religieshop.nl
(hangertjes-medaille)
artikel 00077 €3,–
In het zilver €16,48 nr. 72549

NOVEEN TOT MARIA DIE DE KNOPEN LOS MAAKT !!!

januari 8, 2017

Dit is een uitgelezen kans om voor anderen die enorme pijnen hebben of angsten of noem maar op, deze noveen
te bidden. MARIA ZAL ER ZIJN!!!! en…… VERHOREN!!!! Doe mee aan de hand van Maria en help het Rijk van Maria
te vestigen in heel veel mensenharten. Greeth

Uit het Tijdschrift van de Rozenkrans; nr. 469. Dennis en Suzel Bougerie.

NOVEEN TOT MARIA DIE DE KNOPEN LOS MAAKT.!!!

dsci0728-4
Maria, die de knopen ontwart!

De auteurs van de noveen zijn Dennis en Suzel Bougerie. Dennis is Fransman en was voordien lijnpiloot, hij heeft op de moeilijkst bereikbare plaatsen op aarde gevlogen. Hij is een vechter in de goede zin van het woord.
Suzel is een Braziliaanse, dokter en onderwijzeres, ze is steeds dagelijks geconfronteerd geweest met alle miserie die men in Brazilië kon vinden: drogeermiddelen, armoede, sekten, enz. een vooral met hun impact op de gezondheid. Ze heeft zich stilaan toegelegd op de begeleiding van personen bij hun levenseinde.
In 1988 wanneer Dennis volledig benomen was door een schitterende professionele loopbaan heeft Maria hem geroepen om met haar te werken. Het is ook dan dat hij Suzel ontmoet heeft. Ze trouwen en gaan in Brazilië, te Campinas dicht bij Sao Paulo, wonen. Er begint dan voor hen een fantastisch avontuur.
Ze stichten vooreerst een vereniging genoemd “Maria, Poort van de Hemel.” Het doel is mensen naar Jezus brengen door Maria. Deze vereniging organiseert onder andere bedevaarten naar de grote Mariale bedevaartsoorden zoals Lourdes, Fatima, Medjugorje.
Dan inspireert Maria hen om een kerk te bouwen toegewijd aan “Maria Poort van de Hemel”. Deze kerk is een deel van een groot mariaal project dat ze ontwikkelen. In 2002 wordt het eerste centrum voor palliatieve zorgen van Brazilië gebouwd naast de kerk.
Het schilderij “Maria die de knopen los maakt” werd geschilderd door Johann Schmittner, en wordt sinds 1700 vereerd in de kerk Sint Peter te Augsburg bij München in Duitsland. Dadelijk inspireert dit een echte volkse devotie in het zuiden van Duitsland en in het noorden van Zwitserland.
Omstreeks 1950 werd een kopie van dit schilderij geïnstalleerd in een nederige kerk in de voorsteden van Buenos Aires in Argentinië. De volksdevotie werd dadelijk bevestigd. Ook de huidige Paus Franciscus was als toenmalig bisschop daarin betrokken. Hij had het schilderij reeds in Duitsland leren kennen en is nog steeds een grote vereerder.
Dennis die niet ophield Zuid-Amerika te doorkruisen maakt op die wijze kennis met “Maria, die de knopen los maakt.” Suzel werd geraakt door de symboliek in het schilderij en zij schreef een noveen. Ze hebben de devotie tot “Maria die de knopen los maakt” ingevoerd in de kerk van “Maria Poort van de Hemel” te Campinas. Van daaruit hebben de pelgrims het aan geheel de wereld laten kennen. Het is nu vertaald in het Amerikaans, Frans, Portugees, Spaans, Italiaans, Duits, Pools, Arabisch, Russisch, … en verspreid met meer dan 600.000 exemplaren.
Het werd gelanceerd in Frankrijk op 1 augustus 2001, ter gelegenheid van een vergadering van de families te Paray-le-Monial waar ze uitgenodigd waren door de vereniging Emmanuel.

Een getuigenis:
In de loop van de maand 2004 ben ik de noveen “Maria die de knopen los maakt” beginnen te bidden. In de loop van de noveen waren er opmerkelijke positieve veranderingen in mijn familie, en ongelofelijke reacties in mijn omgeving. Ik heb werkelijk terug vertrouwen in mezelf gekregen om de moeilijkheden die mij onoverkomelijk leken te overwinnen. Ik heb dit gebed doorgegeven aan een vriendin. Zij stelt met grote vreugde vele veranderingen bij haar kinderen vast.
Dank aan Maria, die zo goed is voor haar kinderen, die ons overspoelt met genaden, wanneer wij het op eenvoudige wijze vragen.

Het gebed tot Maria, die de knopen los maakt: (1)
Heilige Maagd Maria, Moeder van de schone liefde. Moeder die nooit een kind dat om hulp roept verlaat, Moeder wier handen zonder ophouden bezig zijn voor haar beminde kinderen, want ze worden gedreven door de Goddelijke Liefde en de oneindige Barmhartigheid die uw hart doet overstromen, richt uw blik vol mededogen tot mij. Zie het grote aantal “knopen” die mijn leven verstikken. U kent mijn wanhoop en mijn pijn. U weet hoezeer deze knopen mij verlammen. Maria, Moeder die van God als taak heeft gekregen de knopen in het leven van uw kinderen te ontwarren, ik leg het lint van mijn leven in uw handen. Niemand, zelfs niet de boze, kan het onttrekken aan uw barmhartige hulp. In uw handen is er geen enkele knoop die niet ontward kan worden. Invloedrijke Moeder, ik vertrouw vandaag deze knoop toe … (benoemen, indien mogelijk) aan uw genade en macht tot uw voorspraak bij uw Zoon Jezus, mijn Verlosser. Tot glorie van God vraag ik u hem te ontwarren, te ontknopen voor altijd. Ik stel mijn hoop op U. U bent de enige Troosteres die God mij heeft gegeven, u bent mijn kracht in mijn zwakheid, mijn rijkdom in mijn ellende, de bevrijding van alles wat me verhindert om bij Christus te zijn. Ontvang mijn smeekbede. Bewaar me, leid me, bescherm me. U bent mijn verzekerde Toevlucht. Maria, U die de knopen ontwart, bid voor mij.

(1) Dit is het centrale gebed, er is een boekje met de volledige noveen, een speciaal gebed per dag te verkrijgen in het Madonnacentrum Totus Tuus, Frans van Dyckstraat 5, 2100 Deurne. Tel. 033 236 20 15 – Gsm +32 )0) 497 38 82 77 . Email: rozenkransm@gmail.com. onder nr. 831.12 voor € 2.

Voor Nederland: tel. 040 285 88 32.

dsci0728-4
U kunt ook nog een losse afbeelding van dit schilderij bestellen voor maar € 1,–

 

PS: Zie voor alle waargebeurde verhalen naar: Greeth’s Blog: waargebeurde verhalen!!

DE TOEWIJDING AAN HET ONBEVLEKT HART VAN MARIA

januari 6, 2017

Uit het “Tijdschrift van de rozenkrans”. door Maria naar Jezus. Nr. 469. door René Tievet naar een artikel van Renato dalla Gosta en een voordracht van Pater Stefano Miotto.

Gebed: De heilige Geest mogen in u wezen dat Hij in u moge bidden.
Bidt nooit zonder de heilige Geest, telkens jullie zullen bidden,
roept vooreerst de Geest van God in jullie.

http://DSC10629 (2)

Zich toewijden aan de Madonna “zegt Don Gabrielle Amorth, is “kijken naar Haar als naar een model dat moet nagebootst worden in getrouwheid aan de Heer”, het is “het erkennen van het goddelijke moederschap van Maria door haar Jezus ontvangen, met dezelfde open geest en beschikbaarheid voor God waarmee Zij Hem ontvangen heeft”, aangezien Zij ons tot Moeder gegeven werd door Jezus op het Kruis, is het ook “Maria verwelkomen in ons leven zoals Johannes dat gedaan heeft. Dan zijn we niet meer alleen, dan zijn we nooit meer alleen.”
Maria heeft dikwijls deze toewijding gevraagd, de toewijding van al haar kinderen. De toewijdingen moeten gedaan worden na een gepaste voorbereiding. Om beter te begrijpen wat het betekent en wat het meebrengt zich toe te wijden aan Maria, raden we de lezing aan van een meditatie van pater Stefano Miotto.
Het is de Madonna die ons de toewijding aan haar Onbevlekt Hart gevraagd heeft en we hebben geprobeerd te begrijpen wat dat wil zeggen.
Vast staat dat zich toewijden aan Haar betekent alles wat van ons is aan Haar te geven, onze zorgen maar ook onze vreugden, alles wat ons toebehoort, alles, want Zij zal ons leven leiden.
Allen, die dit reeds gedaan hebben, hebben begrepen dat de toewijding een zeer belangrijke zaak is.
We hebben het doopsel ontvangen, wat ons in de katholieke kerk binnenbracht en de Madonna zegt: “Ik wil ook de toewijding aan mijn Onbevlekt Hart, omdat Ik het dan ben die je volgt en je leidt door je in te geven wat je moet doen om naar de heiligheid te wandelen.”
Dit is een argument waarover we veel en lang moeten spreken. We worden geen heiligen door de toewijding te doen, maar de toewijding helpt ons beter te worden, dus heilig te worden. Er is een norm om deze toewijding te doen. We komen vijf tot zes keer tezamen om naar een catechese te komen die dient als voorbereiding om ons te zeggen waartoe de toewijding dient, wat er gebeurt met de toewijding.
Het is een verbazingwekkende, wonderbaarlijke zaak!
We rakelen het geloof terug op dat we als kind gehoord hebben, we rakelen onze katechismus terug op maar we voeren ook dat doopsel uit dat we vergeten hebben. Met de toewijding vernieuwen we ons doopsel, dat ons vraagt eerlijk te zijn, in het gebed te zijn, onbaatzuchtig te zijn, gelovig, bekwaam te verdragen, te geven… We worden sterker, oprechter in hetgeen we doen. De toewijding wil zeggen zich wijden aan al hetgeen van God is door Maria, zich wijden aan God met de aanwijzingen die Maria ons geeft. Het is de Madonna die ons verschillende aanwijzingen geeft, mooie, omdat Zij ons naar het mooie brengt, het serene en wij voelen ons rustiger, sterker, veiliger omdat we Haar bij ons hebben die ons zegt: Ik zal niemand laten verloren gaan van hen die zich aan mij toegewijd hebben!
Tot aan het einde van ons leven helpt Zij ons te realiseren wat Zij ons ingegeven heeft, en zo zijn we zeker naar de zekerheid te gaan, de zekerheid die zich Paradijs noemt, dat is in de armen van God.
Dat is de toewijding die we willen doen langs de catechese. Ik wil er de nadruk op leggen dat allen ze zouden doen en zo dragers worden van deze bemerkingen naar zoveel andere mensen, naar zoveel van uw familieleden en ik wil ze uitnodigen om de toewijding te doen, ze is heel nuttig en mooi.
We voelen een zekerheid rondom ons en in ons die ons zeker de wil zal geven om te leven, om op weg te gaan, om te doen.
De toewijding werd gevraagd door de Madonna ook om het Hart van Jezus te troosten, het hart van God. Zij heeft Christus naar de wereld gebracht en nu wil Zij ons naar Christus brengen. Met de Madonna zijn we één geheel.
Iemand zou kunnen zeggen: bidt, gaat naar de mis, doet mijn religieuze praktijken…. Ja, het is juist en mooi, maar tezamen met Maria is het heel anders!!

http://DSC10661 (2)

Probeert en ziet dat deze toewijding je zoveel vreugde en zoveel zekerheid zal geven en ook de zekerheid dat we op een dag allemaal tezamen zullen zijn.
Dan kan ik zeggen, ik dank jullie voor jullie “ja” die jullie zullen uitspreken en zo zijn we steeds meer een grote schare van mannen, vrouwen en kinderen die naar Maria gaan.
Het is mooi om te horen, ook in zoveel andere talen, de formule die allen lezen om deze toewijding te doen. De aanbeveling is er om meer te doen in ons leven en de Madonna zal ons nooit meer verlaten!!
Hebt de gewoonte om deze toewijding regelmatig te vernieuwen en ze niet alleen één keer te doen. Jullie zullen geroepen worden om te vernieuwen wat oud geworden is, opdat jullie steeds nieuwer zouden worden, steeds mooier, steeds meer zoals de Madonna het gevraagd heeft.
Sint Franciscus van Sales zegt het Evangelie is als geschreven muziek, het leven van de heilige daarentegen is als uitgevoerde muziek. Derhalve kunnen wij erin slagen uit het leven van een heilige te begrijpen hoe men het Evangelie in praktijk brengt. In het leven van alle heiligen kan men zien dat allen, sommigen meer, sommigen minder, toegewijd waren aan de Madonna. Maar, zo leerde de heilige Grignion de Montfort, weinige heiligen hebben gekend wat we zouden kunnen noemen “de milde weg van de toewijding aan Maria”. Onder hen zijn in volgorde van de geschiedenis de H.Efrem, H.Johannes Damasceno, H.Bernardus, H.Bovaventura, H.Franciscus van Sales. Zij zijn langs deze milde weg naar Jezus gegaan, en hadden een bijzondere genade, die weinig Heiligen hadden. Ik citeer e woorden van Grignion de Montfort: “Alhoewel allen toegewijd waren aan de Allerheiligste Maagd gingen de anderen, veel groter in aantal, niet of heel weinig langs deze weg en daardoor gingen ze langs hardere en meer gevaarlijke beproevingen. Dat zijn woorden die ons sterk doen nadenken. En als commentaar op deze woorden kunnen we zeggen dat het zeker niet deze weinige heiligen waren die de Madonna gekozen hebben maar dat het de Madonna was die hen op een bijzondere wijze uitverkoren had, vanuit een mysterie van genade dat onze geest overtreft. Dus verstaat men hoe de Toewijding aan de Madonna alleen volledig wordt begrepen door die zielen die een speciale roeping vanwege de Hemelse Moeder hebben.
Een orthodoxe theoloog onderwees dat sommige zielen speciaal uitverkoren zijn door de Heilige Maagd en ze hebben een bijzonder mariaal kenteken, ze zijn als ’t ware getekend door de Madonna. Kardinaal Di Berulle hoofd van de Franse School, de school waartoe ook Grignion de Montfort behoorde, zegde dat enkele zielen op een bijzondere wijze aan de Madonna toebehoren, zoals een bijzonder eigendom van de Madonna, alsof de Heer Haar enkele zielen in het bijzonder gegeven had. Aan die zielen laat de Madonna de weg van de mariale toewijding begrijpen.

http://DSC10628 (2)
In “het tractaat” bevestigt Grignion de Montfort dat “velen horen spreken over de toewijding, maar ze zijn maar met weinigen die het zullen begrijpen, en nog minder die het volhouden tot het einde”.
En als wij dan dit verlangen, om zich toe te wijden aan Maria, voelen en als we ons steeds meer willen toewijden dan wil dit zeggen dat het een genade is, een oproep vanwege Haar. Dus laten we erom smeken dat Zij ons steeds beter dit geheim van de genade laat begrijpen. Bidden we met volharding opdat deze kleine kiem die Maria in ons hart gelegd heeft de vrucht van een perfecte devotie zal voortbrengen.
De mariale heiligen, zelfs als ze niet expliciet de toewijding aan de Madonna kenden, hebben volgens deze geest van toewijding geleefd, ook misschien zonder er zich volledig rekenschap van te geven. Ze waren op een speciale wijze aangetrokken door Maria. Daarentegen, bij zovele andere heiligen en dat is het grootste gedeelte, vindt men deze bijzonderheid niet, ook al ziet men de devotie tot Maria, maar normaal wat ze allen hadden.
Nemen we het voorbeeld van een moeder die haar zoon in de armen houdt. Wie is hoger? De moeder of het kind. Ze zijn min of meer gelijk. Dus, als we ons door de Madonna in de armen laten nemen, komen we op de hoogte van de Madonna, op haar niveau, door een zeer bijzondere genade.
Een tweede waarneming die we kunnen doen is dat het leven van deze heiligen gekenmerkt werd door een verrukkelijke mariale zachtheid. En de Madonna neemt bezit van die uitverkoren kinderen en zij worden kopieën van de Allerheiligste. En wie deze heiligen benadert merkt iets verschillend, iets dat men niet kan uitleggen. We kunnen deze verklaring geven: Gos is de absolute eigenaar van de genade, Hij geeft de genade aan allen, een overvloedige genade om zich te redden en zich te redden en zich te heiligen. Maar Hij heeft ook vastgelegd dat enkele zielen in het bijzonder deze milde weg doorlopen, waardoor Hij de absolute afhankelijkheid verheerlijkt die de Zoon van God had tegenover zijn Moeder in de negen maanden dat Hij gevormd werd in de moederschoot en in de eerste levensjaren, verborgen in de armen van Maria, dicht bij haar hart.
Het is alsof deze zielen, die uitverkoren werden door de Madonna het leven van Jezus in de moederschoot van Maria of tijdens de eerste levensjaren meemaken. En de heilige Grignion de Montfort zegt: “door middel van Maria kunnen de allerkleinsten perfect en goddelijk opklimmen zonder enige vrees voor de Allerhoogste”.
Een heilige priester, Don Dolindo Ruotolo schreef: “Wie zich groot maakt zal de arm van hete Kruis vinden; wie zich klein maakt zal de arm van de Moeder vinden”.

http:// DSC10698

We willen een geliefde definitie van de H.Grignion de Montfort gebruiken: “De toewijding aan de Madonna is een geheim van de genade waardoor wij op de eenvoudigste, de gemakkelijkste en de mooiste manier levende kopieën van Maria worden”. En we bereiken de meest perfecte conformiteit met Jezus. Als dit geldt door diegene die zich toewijdt aan de Madonna dan geldt dat nog veel meer voor diegene die de mariale gelofte aflegt, dank zij dewelke de ziel verrijkt word met een verdere volheid van genade. Maar om deze bronnen te vervoegen, als we werkelijk in de armen van de Madonna willen opgenomen worden en verheven tot haar hoogte, moeten we een ernstige weg van ascese en zuivering afleggen.

http:/ DSC10622 (2)

Pater Stefano Manelli zegt in het boek “Mariale gelofte” dat wie zich toewijdt aan de Madonna als op de “witte trap” geplaatst werd. Herinner je de geschiedenis van broeder Leo die de “witte trap” in zijn droom zag? De witte trap was een gemakkelijke toegang en bovendien werd iedereen geholpen door de Allerheiligste Maagd. Dat was niet zo voor de rode trap. Aan het einde van “de rode trap” zaten Jezus en Franciscus. Franciscus was reeds op de top! Door middel van die trap lukt bijna niemand erin naar de top te klimmen, allen vielen. En toen wees Sint Franciscus de witte trap aan. Het was de trap van de devotie tot Maria. Hierin kunnen we de trap van de toewijding aan Maria zien. De toewijding aan de Madonna is de perfectie van de mariale devotie. Het is door middel van deze witte trap dat iedereen gemakkelijk tot aan de top kan klimmen. Pater Stefano Manelli zegt dat we met de Toewijding aan de Madonna op deze ladder geplaatst werden en dat alles gemakkelijker wordt, mooier en sneller. het is waar, we zullen de moederlijke armen van Maria vinden, nochtans zullen de kruisen niet ontbreken, maar deze kruisen zullen gekonfijt worden in het moederlijk hart van de Onbevlekte. Misschien zullen deze kruisen ook talrijker zijn, maar de Madonna zal ze verzachten en zal ons de genade geven om ze tot het einde te dragen. Integendeel, zonder onze beminnenswaardige Moeder zullen de kruisen misschien minder talrijk zijn maar ze zullen ons verpletteren en wij zullen er niet in slagen ze te dragen.
De H.Grignion de Montfort zegde: “Ze zullen deze kruisen met meer gemak, verdienste en glorie dragen. En dat wat duizend keer iemand anders zou tegenhouden of hem doen vallen, zal hen zelfs niet éénmaal tegenhouden”.
Als we werkelijk in de armen genomen willen worden door de handen van Maria, dan moeten we een leven leiden in vereniging met Maria.
Jozef Schrivers, die het mooie boek “De Moeder van mij” geschreven heeft, zegt dat er drie treden zijn in deze vereniging met Maria:

De eerste trede:
Is de laagste, maar we zijn reeds op een mystieke hoogte en het bestaat erin Haar constant te bidden. Dus leven met Haar, verenigd blijven met Haar door middel van het voortdurend gebed, eenvoudig en spontaan. Haar dikwijls aanroepen, onze Rozenkransen vermenigvuldigen, onze schietgebeden.

De tweede trede:
Als we er werkelijk in slagen zoveel tot Haar te bidden, dan zullen we er in slagen de tweede trap te beklimmen die erin bestaat met eerbiedige zachtheid in haar gezegende ziel binnen te komen en haar gevoelens te delen, affecties, verlangens, dus binnen gaan in haar Hart.

De derde trap:
Bestaat uit het tegenovergestelde: dat wij niet binnengaan in Maria, maar dat Maria in ons binnen komt, Haar uitnodigingen dat Zij bezit neemt van ons leven, van onze ziel, dat Ze onze wil stuurt, en van ons een verlengstuk van Haarzelf maakt. In dit opzicht maakt de H.Maximilaan de vergelijking met de bezetenheid, bezeten zijn door de Madonna. De demoon respecteert onze vrijheid niet en wanneer hij bezit neemt van een lichaam, respecteert hij het niet en beweegt het zoals hij wil. Terwijl de Madonna onze vrijheid respecteert. We zijn alsof we bezeten zijn door Haar. Vele jaren geleden, was een jongere, genaamd Claudio, naar Lourdes geweest en hij werd betrokken in een exorcisme. Onbewust was hij binnen gegaan in een kapel en daar was een exorcisme bezig. En hij bad de Rozenkrans. En de demoon zegde te stoppen met dat gebed: “De Rozenkrans is mijn gesel!” En Claudio bad steeds heviger. En de demoon zegde hem: “Als je niet stopt, kom ik in jouw!” Maar de priester, die een heilige exorcist moet geweest zijn, zegde: “Ge kunt niet in hem gaan, want hij is reeds bezet!” Claudio kon de zin van die woorden niet begrijpen. Na het einde van het exorcisme vroeg hij uitleg aan de priester, die uit de reactie van de demoon begrepen had dat Claudio toegewijd was aan Maria. En zo, wie toegewijd is, is al bezeten en dus was er geen plaats meer voor de demoon.
Zich toewijden aan de Madonna is het maximum, het is haar uitnodigingen bezit te nemen van onze ziel, van onszelf. Het is het maximum, het is de derde trap van ons leven in vereniging met Maria.
Dus om zover te geraken: voortdurend gebed, Haar steeds aanroepen. De Heilige Giovanni Damasceno zegde dat de Madonna zijn hart geroofd had, zijn geest, dat hij alleen maar aan Haar kon denken en alleen maar Haar kon aanroepen. Zo zou het ook voor ons moeten zijn. We moeten onverpoosd tot Maria bidden, en dat gebed moet de ademhaling van onze ziel worden en het Ave Maria moet voortdurend op onze lippen zijn. En met dat voortdurende gebed zullen wij erin slagen in het hart van Maria binnen te gaan en haar gevoelens waar te nemen, haar gedachten, haar affecties. De liefde zal er voor zorgen dat onze ziel meer in Maria leeft dan in ons zelf. Zo zullen wij in het Onbevlekt Hart van Maria onze zekere toevlucht vinden, zoals Zij zegde te Fatima.
Een theoloog schreef dat Maria soms de standvastigheid en de edelmoedigheid van een ziel, die verlangt in strikte eenheid met haar te leven, beloont met haar aanwezigheid. Dus, de aanwezigheid van Maria, bijna steeds onzichtbaar zonder buitengewone visioenen, maar werkelijk aanwezig, een geestelijke aanwezigheid.
Dat is het leven in mystieke vereniging met Maria. “Nochtans, zegde deze theoloog, zeer weinig zielen gaan naar zoveel edelmoedigheid, om een dergelijke vereniging te verkrijgen, die de Montfort vergelijkt met een aards paradijs”. Hij heeft een zeer mooi voorbeeld. Op bezoek in een slotklooster om te prediken en biecht te horen van de zusters, was hij in een pause-moment bezig de Rozenkrans te bidden in de tuin. Er was een zuster die hete nauwkeurig observeerde en hem niet één ogenblik uit het oog verloor. Bij het einde van de Rozenkrans ging hij naar binnen en de zuster blokkeerde hem en vroeg hem: “Maar wie was die dame die met u voorbijging naar de tuin? Het was de Madonna, natuurlijk, maar de Heilige de Montfort gaf er zich geen rekenschap van! Hij leefde in eenheid met de Madonna: spirituele eenheid.
Hij schreef: “hoe gelukkig is hij, die alles aan Maria gegeven heeft en die zich toevertrouwt aan Maria en zich in alles overgeeft aan Har voor iedereen! Hij is geheel van Maria en Maria is geheel de zijne. Nochtans, indien een ziel zich geheel toewijdt aan Haar, dan geeft ook Maria zich zonder reserve aan die ziel die in haar vertrouwen stelt.”
“En de Allerheiligste Maria, zegt dan dat Ze de Moeder van zachtheid en barmhartigheid is. Ze laat zich nooit overwinnen in liefde en edelmoedigheid.”
Men vertelt een gebeurtenis die een beetje speciaal en sympathiek is in het leven van een grote mariale ziel, de zalige Ermanno Giuseppe di Steinfeld, een Duitse mystieker uit de XII eeuw. Hij leefde in dit leven in vereniging met Maria, evenwel op een bepaald tijdstip verkoelde hij en bad hij niet meer zo veel tot de Madonna. Zo gebeurde het dat hij een visioen had: hij zag een oudje, een beetje gebogen, lelijk, gegroefd. De zalige vroeg: “Wie is Zij?”. “Ik ben de Madonna! Ik ben lelijk geworden in uw ogen!”. Met dit bijzonder visioen wou de Madonna doen begrijpen: “Maar Ik ben zo lelijk geworden omdat ge mij niet meer bekijkt, ge mij niet meer aanroept, ge geen gebeden meer tot mij richt?”, dat is de lauwheid waarin hij gevallen was.
Hij begreep de lauwheid waarin hij gevallen was en hernam met grotere ijver dan tevoren om Haar te bidden, Haar te aanroepen, hij bereikte mooie toppen van vereniging met de Madonna.
De Heilige Louis Grignion de Montfort sprak over “een speciale aanwezigheid van Maria in de ziel, een aanwezigheid die met aandacht moet beschermd worden. Een zeldzame en kostbare parel, die niet aan iedereen gegeven is en waarvoor moet gebeden en gewacht worden.”
De Heilige Louis onderwees ons dat het aanvoelen van deze aanwezigheid van Maria een bijzondere genade is die men gemakkelijk verliest indien men er geen aandacht aan schenkt.
De zalige Guglielmo Chaminade zegde ons: erin slagen om de aanwezigheid van Maria in ons te ontdekken is echt een zeldzame gave, nochtans is het niet onmogelijk om ze te verkrijgen. Als we dat verkrijgen moeten we getrouw zijn. “Het is een gave die bereikbaar is door een grote getrouwheid.”, zegde hij.
De Heilige Maximiliaan raadde aan om zich voor het beeld van Maria te zetten, al was het maar voor een minuut, en met Haar te spreken met een grote familiariteit. Hij zegde: “Richt je tot Haar, spreek familiair met Haar, en je zal steeds meer op Haar gaan lijken.”
We herhalen op schematische wijze wat we tot hiertoe besproken hebben:
-Indien iemand zich klein maakt zal hij de armen van de Moeder vinden en niet de armen van het kruis.
-Een kind in de armen van de Moeder bereikt dezelfde hoogte als de Moeder, omdat de Moeder het in de armen houdt. Maar om in de armen van de Moeder genomen te worden moeten we in eenheid met Haar leven.
-Het leven in eenheid met Haar omvat drie trappen:
-Eerste trap: onophoudelijk bidden
-Tweede trap: we kunnen binnengaan in haar Hart
-=Derde trap: Zij zal bezit van ons nemen.

Hoe meer we edelmoedig zijn met Haar, alhoewel Zij zich niet laat overwinnen in edelmoedigheid door ons, zal Zij zich op een onuitsprekelijke manier geven. Dat is een aspect van de Toewijding aan Maria! Het zijn niet wij die ons aan haar geven, maar het is Maria die zich op een onuitsprekelijke wijze aan ons geeft, die ons overspoelt met haar Genade!!
Soms beloont Maria de generositeit van sommige zielen door haar speciale aanwezigheid in ons.
Deze bijzondere aanwezigheid in ons moeten wij met grote aandacht ontvangen.

http://DSC10732 (2)

IEDERE CONSECRATIE IS VOOR ONS EEN GESCHENK VAN MARIA!

januari 1, 2017

Uit het boek “Het Gouden Boek” van de H. Louis-Marie Grignion de Montfort. Blz. 473/520.

http://DSC1069 (2)

De vier doeleinden van de H.Mis en de H.Maagd Maria.

http:// DSC1o558 (5)

Zeg bij de aanvang van de H.Mis met grote eerbied: Zie, hier ben ik op Calvarie!
Breng uzelf zacht in de gesteltenis van een diepe ingetogenheid en tracht door te dringen in de gesteltenis van Maria. Stel u, terwijl de Priester aan de voet van het altaar het Confiteor bidt, de doodsangst van uw Verlosser Jezus, de Eeuwige Wijsheid, in de hof van Olijven voor.
Onderzoek u een ogenblik over uw zonden om er een levendig berouw over te verkrijgen.
Verhef vervolgens uw hart tot de H.Maagd. Zij zal u in de gesteltenis brengen om uzelf met haar Zoon te slachtofferen.

1. Van de Introïtus tot het Evangelie.
De oneindige Majesteit Gods prijzen en verheerlijken.
Houd u in het eerste gedeelte van de H.Mis (van de aanvang tot het Evangelie) bezig met God de eer te brengen, welke Hem toekomt. Maar … hoe zal je dit kunnen? Weet je niet, dat al de lofprijzing en aanbidding van de Engelen en Heiligen, ja, zelfs die, welke de H.Maagd zonder ophouden aan de Allerheiligste Drievuldigheid aanbiedt, niets zijn voor het oog van God, die een grootheid bezit zonder grenzen? Slechts Jezus, de ongeschapen Wijsheid, kan dit op waardige wijze doen door zijn vernederingen in het Heilig Sacrificie van de H.Mis. Draag ze in vereniging met de H.Maagd aan God op; verneder u diep, verzaak aan uw eigen gesteltenis en spreek vol vertrouwen en liefde, in vereniging met Haar, het volgende gebed:

O mijn God, ik aanbid U en ik erken U voor de Heer en de Meester van mijn Leven. Ik belijd, dat ik al wat ik heb en ben, van uw milde hand heb ontvangen. Maar daar Uw Souvereine Majesteit oneindige eer en oneindige eerbewijzen verdient en ik U, in mijn uiterste armoede, hetgeen ik U verschuldigd ben, niet kan geven, zo bied ik U de vernederingen van mijn Zaligmaker aan. Voor mijzelf en voor alle schepselen bied ik U de eerbewijzen aan, welke Jezus U geeft op dit altaar. Sla, o Heer, uw blikken op de goddelijke Wijsheid, in wie Gij uw welbehagen vindt. Hetgeen Jezus doet,, wil in vereniging met Hem ook ik doen. Ik buig mij in het stof en verneder mij voor uw opperste Grootheid. Ik aanbid U en verenig mij hiertoe met de aanbidding en de gevoelens van uw goddelijke Zoon. En om dit volmaakter te doen, wil ik U Jezus’ diepe vernederingen aanbieden met en door Maria. Allerheiligste Moeder, help mij aan God eerbewijzen te brengen Hem waardig, en verenig U daarom met mij. offer met mij de gevoelens van uw Hart, vooral de allergrootste vreugde, welke van de goddelijke Majesteit toevloeit uit dit doorluchtig offer.

(Tracht inwendig in die geest voort te bidden, zonder u veel over de boven aangegeven formule te bekommeren. Naarmate u dieper in deze gesteltenissen van Maria zult doordringen, zal Zij u gevoelens van volmaakter nederigheid en dieper zelfvernietiging ingeven. O welke vreugde zult gij daardoor aan de H.Drievuldigheid bereiden!)

2. Van het Evangelie tot de Opheffing.
Aan God voldoening geven voor de zonden, waaraan gij u hebt schuldig gemaakt.
Werp een vluchtige blik op uw zonden en overdenk, welke een schuld gij op u hebt geladen. In de weegschaal van de goddelijke gerechtigheid weegt een enkele doodzonde zwaarder dan al de goede werken van de Heiligen; méér zelfs dan de ontelbare verdiensten, welke de Allerheiligste Maagd heeft kunnen verwerven. Om de toorn van Gods gerechtigheid te bedaren, was er niets minder nodig dan het Bloed van zijn Zoon, vergoten op het kruis. Gedenk, terwijl de priester dit kostbaar Bloed op het altaar voor u opdraagt, de tranen, welke Maria zelf voor u heeft gestort op Calvarie, de tranen ook, welke zij na de Hemelvaart van de Heer zo dikwijls stortte, hetzij wanneer Zij de smartvolle weg volgde van Jezus’ lijden, hetzij wanneer Zij het H.Misoffer bijwoonde, dat werd opgedragen door de H.Joannes.

http:// DSC10556 (2)

Vermeng bij die gedachte uw tranen met de hare en zeg met een diep vernederd hart:
Ziehier, mijn God, voor uw voeten de ondankbare ziel, welke zich zo menigmaal aan U heeft vergrepen, maar op dit ogenblik haar talloze fouten van harte verfoeit. Wat kan ik U tot uitboeting van mijn zonden, welgevalliger aanbieden dan de vernederingen, door welke de Eeuwige Wijsheid, Jezus Christus, uw Zoon, voor mij aan uw goddelijke Gerechtigheid heeft voldaan en welke Hij U thans opoffert op het altaar?
Aanvaard dan, o Heer, met de tranen van Maria, al de verdiensten van Jezus, het Bloed van Jezus, Jezus zelf in persoon, uw eeuwige Zoon, die in hoedanigheid van slachtoffer ook heden nog zich gewaardigt zijn Sacrificie te mijnen gunste te vernieuwen. En daar mijn Jezus op dit altaar mijn Middelaar en Voorspreker wil zijn, daar Hij door zijn heilig Bloed vergiffenis voor mij afsmeekt, zo verenig ik mijn stem met die van dit aanbiddelijk Bloed en smeek U om vergiffenis voor de talloze fouten, welke ik heb bedreven, alsook voor al de zonden van de wereld. Het Bloed van Jezus roept tot U om erbarming en mijn hart doordrongen van berouw smeekt daarom in vereniging met Hem. Mijn God, bewegen U mijn tranen niet, laten dan de zuchten van uw Zoon en de tranen van Maria U bewegen. Als Jezus op het kruis voor heel het menselijk geslacht vergeving verwierf, waarom zou Hij die dan niet verwerven voor mij op dit altaar? Ja ik hoop het vast: door de kracht van dit kostbaar Bloed en om de liefde van Maria, uw welbeminde Dochter, zult Gij mij al mijn zonden vergeven, die ik trouw wil bewenen tot mijn laatste snik. Acht, Heer, geef ook aan alle zondaars van de wereld berouw en vergiffenis.
O verheven Moeder, gij ziet mijn berouw. Verwerf mij de tranen van de H.Petrus, de vermorzeling des harten van Maria Magdalena en van zovele andere Heiligen, die van zondaars ware boetelingen zijn geworden, opdat ik door de verdiensten van dit Heilig Misoffer volkomen vergiffenis verkrijg van al mijn zonden.
Herhaal deze akte van levendig en diep berouw, welke Maria zelf aan haar goddelijke Zoon opdraagt, en wees er zeker van dat gij op die wijze al de schulden, waarmee uw ongetrouwheden u jegens God beladen hebben, volkomen uitdelgt.

3. Van de Opheffing tot aan de Communie.
God bedanken voor de weldaden waarmee Hij u heeft overladen.
Ga in de geest de weldaden na, waarmee God u tot deze dag toe heeft overladen. Ze zijn eindeloos… Kind onzer goede Moeder, gij kunt evenals Zij dikwijls uit de volheid van uw ziel bij uzelf herhalen: “De almachtige heeft grote dingen aan mij gedaan”. En hoeveel meer wil die God van goedheid nog voor u doen in de toekomst! Herinner u, dat gij er Hem niet naar waarde voor kunt bedanken, tenzij door het Hart van Jezus, thans met dit doel in de hand van de priesters op het altaar neergedaald! Beschouw met liefde die zoete Zaligmaker, die voor u zijn Vader dank brengt. Verenig u met de Engelen en meet de Gelukzaligen, maar denk er vooral aan, dat de Heilige Maagd daar met u is, en zeg vol van heilige blijdschap tot God:

http://DSC10643 (2)

O mijn God, die mij zo teder hebt bemind, Gij ziet mij hier voor U, beladen met allee weldaden, welke Gij tot hiertoe U gewaardigd hebt mij te schenken, met alle weldaden ook, welke Gij mij nog wilt bewijzen in tijd en eeuwigheid.
Ik erken, dat uw erbarmingen jegens mij eindeloos zijn ; nochtans ben ik in staat U de dank te brengen, die ik U verschuldigd ben. Ontvang Heer, tot dankzegging voor zovele gunsten, de zuivere, heilige en smetteloze Offerande, welke ik U in vereniging met Maria aanbied door de hand van de priesters. Deze offerande welke U zo welgevallig is, volstaat, ik weet het, om de gaven te betalen, welke Gij mij geschonken hebt. Immers zij is van oneindige waarde. Zij is op zich zelve alleen méér waard van alle goederen, die ik reeds van U ontving en nog van U hoop te ontvangen in de toekomst.
Engelen van de Heer, en gij gelukzalige bewoners van de Hemel, Gij bovenal, verheven Maagd, mijn Moeder, verenig U met mij, om mijn God dank te brengen en gewaardig U hem ter dankbetuiging voor al zijn gunsten aan te bieden alle H.Missen, welke heden zullen worden opgedragen over de gehele wereld. Smeek Hem, mijn verlangens welgevallig aan te nemen en acht te slaan op de liefdevolle dankbetuigingen, welke Jezus Christus Hem heden voor mij opdraagt op dit altaar.

Stel er u niet mee tevreden, deze gevoelens slechts een enkele maal uit te drukken. Verenig u met de lofprijzingen van het Hart van Maria. Met welk een zoet welgevallen zal de God van goedheid niet de betuiging van een zó hartelijke dankbaarheid aannemen.

4. Van de Communie van de Priesters tot het einde van de H.Mis.
Aan God de genaden vragen, die gij nodig hebt.
Als gij niet het geluk hebt tot de H. Tafel te naderen, verzuim dan niet, tijdens dit vierde deel van de H.Mis, de geestelijke Communie te doen. Verbeeld u, volgens de gewoonte van verschillende Heiligen, dat de Heilige Maagd u het kindje Jezus geeft, hetwelk zoeven op het altaar opnieuw werd geboren. Verruim uw hart; want voor u bidt, voor u smeekt de Zoon Gods. Als Maria u verzekerde, dat Zij uw gebeden wil aanbieden en voor u ten beste spreken, welk zoet vertrouwen zou u bezielen, weldra verhoord te zullen worden! Maar nu is Jezus zelf, haar welbeminde Zoon, uw Voorspreker. Hij offert zijn kostbaar Bloe3d aan zijn Hemelse Vader voor u op.
Stel u dus niet tevreden met slechts enkele gunsten te vragen. Vraag grote genaden voor uzelf en de gehele wereld. Zeg daarom in vereniging met de Moeder Gods en met gevoelens van de diepste nederigheid:
God mijns harten, ik erken mij uw gaven onwaardig. Ik belijd, dat ik ter oorzaak mijn ontelbare zonden niet verdien, door U verhoord te worden.
Maar geeft acht op het aanschijn van uw Gezalfde; aanschouw die goddelijke Wijsheid, welke Gij U gewaardigd hebt voor mij naar deze aarde te zenden en welke, terwijl Zij U op dit altaar haar Bloed en Leven offert, U tevens te mijne gunste haar almachtige smekingen opdraagt. Gewaardig U, Heer, ze aan te nemen en geef mij ter wille van Jezus’ verdiensten, alle genaden, welke Gij weet, dat mij nodig zijn voor het grote werk van mijn zaligheid.
Verheven Moeder, Gij niet mijn uiterste armoede en Gij vermoogt alles op het Hart van uw Zoon. Ik durf U derhalve smeken, voor mij te vragen vergiffenis van al mijn zonden, de kennis van mijzelf en een innige vereniging met U en met Jezus. Verwerf mij, o mijn verheven Koningin, alle deugden in een uitnemende graag en al wat nodig is om in waarheid heilig te worden. Vraag ook alle genaden, welke ik verplicht ben voor mijn evennaaste af te bidden, de verheffing van de H.Kerk, de bekering van de ongelovigen, de zondaars en bijzonder van hen, die mij het dierbaarst zijn, de bevrijding van alle zielen, die zich op het ogenblik in het Vagevuur bevinden.

Vraag met volle gerustheid, zonder vrees Hem arm te maken, die zo graag geeft. Vraag voor uzelf, voor uw ouders enz… voor de Kerk en haar Opperhoofd. Vraag met het grootste vertrouwen, verzekerd dat uw gebeden, nu zij verenigd zijn met die van Jezus en van Maria, onfeilbaar zullen verhoord worden. Doe, als de H.Mis geëindigd is, een kleine dankzegging…, verlaat vervolgens de Kerk in dezelfde stemming alsof gij van de Calvarieberg afdaalde.
Als de H.Monica zich aan haar bezigheden begaf liet zij haar hart op het altaar. Doe gij eveneens, laat uw hart in aanbidding achter. Bedenk in de loop van de dag dikwijls, dat uw hart daar dicht bij Jezus is. Deze gedachte zal in u de geest van ingetogenheid bewaren en u aldus de zegepraal vergemakkelijken op uw heersende drift. Zij zal u tevens een innige vereniging schenken met de H.Maagd.

III. HET HEILIG MISOFFER opgedragen door de handen van Maria.

Voorbereidend gebed.

DSCI0378 (2)

DSCI0254

O Maria, mijn Moeder, gij die aan de voet van het Kruis het bloedig offer van Calvarie hebt bijgewoond en opgedragen, laat toe, dat ik U vergezelle op de mystieke Altaarberg, waar Jezus Zich dagelijks opoffert… offerande waarin Gij deelt door uw toestemming. Ik wil mijn plicht van schepsel vervullen en God een hostie van lof en aanbidding aanbieden. Ik moet Hem vandaag voor die… weldaad bedanken, die …. zonde, door mij of door anderen bedreven uitboeten, die … genade van zijn goedheid afsmeken, en ik kan daartoe beschikken over een slachtoffer, welke verdiensten oneindig zijn.
Maar zal ik, met mijn bezoedelde handen, mijn besmeurd en ijskoud hart, dat slachtoffer aan de Heiligheid zelve durven opdragen? Hoe zal ik mij wapenen tegen de verstrooiingen, die zich van alle kanten opdringen aan mijn geest?
Mijn hemelse Moeder, sta toe, dat ik mij onder uw sluier verberg … neem mijn bevende handen in de uwe, leg er uw Jezus in en hef ze aldus omhoog tot de goddelijke Majesteit.

Gedeelte van de zuivering
Introïtus: Judica.

Binnentreden zal ik tot het altaar Gods Tot God, die mijn jeugd verblijdt. Hand in hand met Maria, beladen misschien met aardse beslommeringen, kom ik tot de God, die alles vernieuwt, alles verblijdt… de God, die smart in vreugde, kwaad in goed kan doen verkeren.
Ik nader met het volste vertrouwen, en de verzekering, dat Hij mij beschermen zal tegen mijn vijanden, zoals Hij Maria beschermd heeft… dat zijn Licht en zijn waarheid mij zullen geleiden tot op zijn heilige berg en in zijn tenten.
Confiteor.
Almachtige God, mijn Schepper en Koning, ik belijd, dat ik U geloofd, geëerd noch gediend heb, gelijk het mij als uw schepsel betaamt.
O Maria, Moeder van God en mijn Moeder, ik belijd dat ik U niet genoeg bemind noch naar vermogen getroost heb; dat ik uw raadgevingen en vermaningen verwierp en U tot oneer strekte…
O Heiligen Gods, ik belijd, dat ik ten aanschouwe van U allen, de God die Gij zozeer bemint, heb durven beledigen…. en zulks door mijn schuld, door mijn schuld, door mijn overgrote schuld. Bidt dus voor mij uw Koningin, dat zij zich gewaardig mijn berouw en mijn belijdenis op te dragen aan de Vader, de Zoon en de H.Geest.

Absolutie.
Kwijtschelding, vrijspraak en vergiffenis onzer zonden verlenen ons de almachtige en barmhartige Heer.
O mijn God, die woorden vervullen mij met het volste vertrouwen en de zoetste troost. Door berouw gezuiverd van het dagelijkse stof van de levensweg, zowel als van alle zonden, waarvan ik door uw dienaar en plaatsvervanger ontslagen werd, durf ik met de Onbevlekte Maagd tot uw hoogheilig Altaar naderen.

Gedeelte van de verlichting.
Het Woord Gods.

Gloria.
Met U, o Koningin van de Hemel en met geheel uw hemels hof, durven mijn aardse lippen zingen: “Eer in de hoge aan God en op aarde vrede aan de mensen van goede wil”. Met U offer ik een hostie van lof op aan mijn God, die uw Zoon is, zeggende: “Wij -Maria met ons allen- loven U, wij zegenen U, wij aanbidden U”. En daar de H.Mis een dankoffer is: “Wij danken U om uw grote heerlijkheid, Heer God, Koning van de Hemel… Enig geboren Zoon, Jezus Christus.. Lam Gods, door Maria voor het offer gekweekt… Slacht- en Boeteoffer tegelijk; Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt door het offer, dat Gij in vereniging met uw H.Moeder aan God de Vader gaat opdragen. Gij, die zetelt aan de rechterhand van de Vader, allerheiligste en allerbarmhartigste Zoon van Maria, wees óók ons Smeekoffer. Gij alleen zijt heilig, Gij alleen zijt de Allerhoogste Jezus Christus met de H.Geest in de heerlijkheid van de Vader. Amen.

Gebeden.
O Maria, de woorden, die de H.Kerk haar Priesters op de lippen legt om haar Bruidegom haar noodwendigheden kenbaar te maken, vinden hun oorsprong in uw Moederhart. Op deze, uwe smekingen, antwoord ik dus met alle gelovigen: Amen.

Voor het Epistel.
Open mijn oren en verlicht mijn verstand, o goede Moeder, opdat ik de gezegende lessen mag begrijpen ons gegeven door uw voorouders, de Profeten, en uw zonen, de Apostelen, onder de invloed van de H.Geest, wiens Bruid gij zijt.

Voor het Evangelie.
Welke een geluk voor mij, de geheimen en de leer die gij, o Moeder, in uw hart bewaard hebt, nog eens te horen herhalen! Deel mij een vonkje mee van uw liefde, opdat ik niet ‘traag van hart’ mag zijn om Jezus woorden en daden te begrijpen.

Credo.
Ik geloof in één God… o ja, ik geloof, maar vergeleken bij het uwe, o mijn Moeder, is mijn geloof zo zwak, dat het wel ongeloof mag heten… Kom gij, getrouwe Maagd, mijn ongeloof te hulp. En in Jezus Christus, God van God, licht van licht, geboren en niet gemaakt, oneindig en eeuwige Wijsheid, die Zich in uw schoot heeft willen opsluiten… Door wie alle dingen gemakt zijn en bijgevolg bestierd worden en die nochtans om ons, mensen, en om onze zaligheid aan U onderdanig is geweest… want getrokken door de geur van uw zuiverheid is Hij uit de Hemel neergedaald. Door de kracht van de H.Geest is het Woord in U vlees geworden, o Maria! Hij is voor ons gekruisigd en gij stond Hem bij in zijn folteringen en offerde Hem vrijwillig aan God de Vader op. Hij zetelt nu aan de rechterhand van de Vader, terwijl uw troon, o Koningin-Moeder, aan zijn rechterhand geplaatst is. Vergezeld door U en zijn twaalf Apostelen zal Hij wederkomen om de wereld te oordelen, Hij, die nu onder de gedaante van brood en wijn het Offer wil zijn, dat mij voor een ongunstig oordeel zal behoeden.
En in de H.Geest, uw Bruidegom, die gesproken heeft niet enkel door de Profeten, maar ook door uw maagdelijke lippen.
En in één heilige Katholieke en Apostolische Kerk, waarvan gij het eerste lidmaat en tevens de Moeder en Meesteres bent… voor wie gij op aarde hebt willen blijven, nadat uw Zoon ten Hemel was opgeklommen.
Ik belijd één doopsel tot vergeving van de zonden, waardoor het Bloed, dat gij aan uw Zoon hebt geschonken, op iedere ziel in het bijzonder wordt toegepast. En ik verwacht de verrijzenis van de doden,… waarna ik in mijn vlees, met de ogen van mijn lichaam, God de Zoon zal aanschouwen en de wondere schoonheid van zijn Moeder.
En het eeuwig leven… leven van nimmer eindigende vereniging met Jezus in, met en door Maria!… o ja, ik geloof zulks… zonder dit geloof, zonder deze hoop zou ik niet kunnen leven. Amen, amen. amen!

Gedeelte der vereniging.
Offerande en Communie.

Opdracht van de Hostie en de Kelk.
Aanvaard, heilige Vader, almachtige eeuwige God, door de handen van Maria, deze onbevlekte offerande, die ik, uw dienaar, onwaardig ben op te draggen aan U, mijn lev ende en ware God, wegens mijn ontelbare zonden, beledigingen en nalatigheden; zij echter is hiertoe waardig bevinden en al wat haar lelieblanke handen U aanbieden, wordt door U genadig aanvaard. Hebt Gij haar niet uit duizenden en nogmaals duizenden uitverkoren om het Offer van Calvarie een lichaam te bereiden?
Aanvaard dan uit Haar handen die onbevlekte Hostie, voor mij, voor alle aanwezigen en tevens voor alle christen gelovigen, opdat zij mij en hun tot heil strekke ten eeuwige leven. Wij offeren U, Heer, door de handen van Maria de Kelk des heils op, waarin Haar tranen vermengd worden met het Bloed van Haar Zoon. Aanhoor Haar, die met ons en voor ons smeekt, opdat deze kelk in geur van zoetheid moge opstijgen voor uw goddelijke Majesteit. Kom, heiligmakende Geest van God, Gij, die overal heenvliegt, waar Gij Maria aantreft!!, daal neer op dit altaar, naast hetwelk Hij staat en zegen deze offerande, die uw H.Naam bereid is.

Suscipe sancta Trinitas.

photo

Aangemoedigd door de woorden van uw Priester, die verklaard heeft, dat zijn offer ook het onze is, durven wij U vragen, o God, Almachtige Vader, hetzelve uit zijn handen te aanvaarden tot lof en eer van uw naam en die van de Moeder van uw Zoon, en tot nut van de H.Kerk. Mochten wij door dit heilig offer wier Koningin zij is. U op waardige wijze aanbidden, U bedanken zoals het betaamt voor uw ontelbare en onmetelijke weldaden, de zonden van de gehele wereld herstellen en uitboeten, en genade bekomen voor iedere ziel in het bijzonder, opdat zij door Maria gebracht worden tot Jezus, en door Jezus tot de hemelse Vader.

Prefatie.
Waarlijk passend en billijk is het, redelijk en heilzaam, dat wij U altijd en overal dank zeggen, heilige Heer, Vader almachtig, eeuwige God. Doch, hoe zullen wij, nietige aardwormen, zulks kunnen of durven doen? Hoe onze bezoedelde handen, onze zwakke stem tot U verheffen, tot U, wiens ogen de engelen zelfs niet rein zijn. In vereniging nochtans met hun Koningin heffen zij de eeuwige lofzang aan, het driewerf heilig, en met hen durven wij in nederige belijdenis zeggen: Heilig, heilig, heilig de Heer, de God der heerscharen. Hemel en aarde zijn vol van uw heerlijkheid. Hosanna in de Hoge! Gezegend Hij, die komt in de Naam van de Heer, Zoon van God en Zoon van Maria. Hosanna in de Hoge!

Canon
Plechtig zwijgen heerst rond het nieuwe Calvarie, zoals er ook heerste op Golgotha. De wolk daalt neer, duisternis bedekt de grote Handeling, doch “bij het Kruis van Jezus staat zijn Moeder”. Zij is het, want met Haar toestemming wordt het offer voltrokken.
O Moeder, sta toe, dat ik mij bij U voege onder het Kruis… Leer mij doen, wat Gij doet… Jezus opofferen.

Opdracht van het Goddelijk Slachtoffer.

photo

Hemelse Vader, in vereniging met al uw kinderen, met al de bewoners van Maria’s rijk, hetzij ze nog in dit tranendal leven, of reeds het eeuwig Altaar omringen, waar het Lam verblijft “dat geslachtofferd is geworden”, offer ik U mijn Jezus op, wiens Lichaam en Bloed nog gescheiden worden voor het zwaard van het priesterwoord.
Ik offer Hem aan U op, om uw eeuwige Majesteit een volmaakte hulde te brengen, haar te bedanken opeen wijze, haar ontelbare weldaden waardig. Ik bied die Majesteit het Bloed aan, dat alleen de zonden van de mensen kan uitboeten en nieuwe genaden afsmeken voor mijn onwaardig en ondankbaar geslacht.

Memento van de overledenen.
Op dit plechtig ogenblik, nu Jezus’ Bloed op het Altaar geplengd, mij toebehoort, toon mij, allerliefste Moeder, hoe ik uw lijdende kinderen in het Vagevuur daarmee kan besproeien….. Bestuur Gij mijn zwakke hand, opdat de kostbare druppels op die zielen vallen, die Gij het eerst bij Jezus wilt brengen, om de liefdesdorst van zijn goddelijk Hart te stillen.

Nobis quoque peccatoribus.
Hier roept de priester Uw dienaren en hovelingen op, o mijn Koningin, om de heerlijkheid van Uw Zoon door hun tegenwoordigheid te komen verhogen. O, die oogverblindende stoet van Apostelen, Martelaren en Maagden, in wier heilig gezelschap ik durf te vragen te worden toegelaten, om met hen Degene te loven, die alle goed voortbrengt, heiligt en levend maakt.
Met U en met hen verenigd, o tedere Moeder, durf ik het gebed herhalen, dat Jezus voorzeker van alle schepselen U het eerst geleerd zal hebben in de stille eenzaamheid van Nazareth:
Onze Vader, enz.

Libera.
Ja, Heer en Vredevorst, verlos ons van alle kwaad, van alles, wat onze uit- of inwendige vrede kan verstoren, door de voorspraak van de heilige en glorievolle Maria, altijd Maagd, wier Moederhart verlangt, dat Haar kinderen, op uw barmhartigheid steunend, van zonde vrij en tegen alle onrust beveiligd mogen blijven.

De Communie.

http://DSC10555 (2)

Lam Gods, dat de zonder van de wereld wegneemt, ontferm U over ons en geef ons de vrede. Is de vrede dan, o Jezus, de voornaamste gesteltenis om de H.Communie te ontvangen, om deel te hebben aan uw Natuur en uw Wezen? Voorzeker, want dit enkel woord heeft een drievoudige betekenis….
1e. Zuiverheid van geweten of vrede met God.
2e Volmaakte naastenliefde of vrede met de evenmens, die ook uw kind is en, evenals ik, lid van uw mystieke Lichaam.
3e Volmaakt vertrouwen op Gods goedheid of vrede met mijzelf.

Vrede met God!…. Door de kracht van uw offer, o Lam, dat geslachtofferd is geweest, neem mijn zonden weg. O vlekkeloze Maagd, help mij om die genade te bekomen. Vrede met de evenmens!! … Daar Gij voor hem wilt sterven, zou ik dn, hoe schuldig hij ook zij, hem vergiffenis durven weigeren?
Vrede met mijzelf!… Hoe zou ik vrezen, daar ik geroepen word door Hem, die zich nog pas voor mij heeft geslachtofferd?
O Heer, ik ben niet waardig, dat Gij tot mij komt, alleen zou ik nooit durven naderen, maar uw Moeder vergezelt mij… Zij beveelt mij aan, Zij vraagt er U om: “Spreek maar één woord, en mijn ziel zal gezuiverd worden.”

Hier doet men een sacramentele of, geestelijke communie.

Wat zal ik de Heer wedergeven voor alles, wat Hij mij geschonken heeft?…
Ik zal het Hart van zijn Moeder nemen, de reinste, schoonste, schitterendste aller kelken des Heren en ik zal het Hun aanbieden, overvloeiend van zoete, waardige dank voor die overgrote weldaad. Met Haar roep ik de Naam des Heren aan, de Naam van zaligheid, Haar door de Engel verklaard.
Mocht deze Communie, ontvangen in de tijd, een voorspraak zijn van de eeuwige Communie des Hemels. Mocht ik, die door mijn hemelse Moeder ondersteund en bijgestaan, aan ’s Heren Tafel neerzit hier op aarde, ook deel met haar hebben aan de feestdis der eeuwige zaligheid!

Benedicat vos.
Moge uw zegen, o allerheiligste Drievuldigheid, het zegel drukken op de wonderbare en heilzame Handeling, die ik hier onder de bescherming en met de hulp van de Moeder Gods verricht heb. Moge Zij mij bevestigen in mijn voornemen, deze dag door te brengen in de geest van offervaardigheid, als hostie voor Hostie, een druppel water in de onmetelijke oceaan van het kostbaar Bloed van Jezus Christus.

Methode van de Zal. de Montfort, om in vereniging met Maria de H.Communie te ontvangen.
1. Vóór de H.Communie. Verneder u diep voor God.
2. Verzaak aan uw geheel bedorven inborst en aan uw eigen gesteltenissen, als worden ze u ook als nog zo goed door uw eigenliefde voorgesteld.
3. Hernieuw uw opdracht met de woorden: Tuus totus ego sum et omnia mea tua sunt: Ik behoor U geheel toe, mijn dierbare Meesteres, met al wat ik bezit.
4. Smeek die goede Moeder, <del datetime="2017-01-01T16:46:09+00:00"u haar hart te lenen , om haar Zoon daarin met haar eigen gevoelens haar hart te lenen, om haar Zoon daarin met haar eigen gevoelens te ontvangen!!!! Houd Haar voor dat voor dat de eer van haar Zoon vereist, dat Hij niet in een hart, zo besmet en onstandvastig als het uwe, neerdalen, een hart dat voorzeker aan zijn eer afbreuk zou doen of Hem weer zou verliezen; maar dat Zij, om haar heerschappij over de harten, bij u haar intrek kan nemen, zo Zij wil, om haar Zoon te ontvangen; en dat haar Zoon door Haar goed en vlekkeloos zal ontvangen worden, en zonder gevaar van beledigd of verstoten te worden: Deus in medio ejus non commovebitur.

DSCI0622 (2)
Zeg Haar vertrouwelijk, dat al wat gij Haar van uw eigen goed gegeven hebt van weinig betekenis is om Haar te eren, maar dat gij, door de H.Communie, Haar hetzelfde geschenk wilt aanbieden, dat de eeuwige Vader Haar gegeven heeft; dat Zij daardoor meer vereerd zal worden, dan wanneer gij Haar al de goederen van deze wereld zou schenken. Zeg Haar ook, dat Jezus, die Haar innig liefheeft, nog steeds welbehagen en rust in Haar wenst te nemen, als is het dan ook in uw hart, onreiner en armoediger dan de stal van Bethlehem, waarin Hij geen bezwaar maakte neer te dalen omdat Zij daar aanwezig was. Vraag haar Hart met deze tedere woorden: Accipio te in mea omnia; praebe mihi cor tuum, o Maria! “Ik neem U tot mijn al; schenk mij uw hart, o Maria!

Gedurende de H.Communie.
Wanneer gij, na het Pater noster, op het punt staat Jezus Christus te ontvangen, zeg dan driemaal: : Heer ik ben niet waardig enz.. Zeg de eerste maal tot de eeuwige Vader, dat gij, om uw slechte gedachten en ondankbaarheden jegens een zo goede Vader, niet waardig zijt zijn enige Zoon te ontvangen, doch dat hier Maria is, zijn dienstmaagd: die voor u spreekt en u een bijzonder vertrouwen en een bijzondere hoop bij zijne Majesteit inboezemt: Op bijzondere wijze hebt Gij mij in de hoop bevestigd.
Zeg tot God de Zoon: dat gij waardig bent Hem te ontvangen wegens uw nutteloze en verkeerde gesprekken en uw ongetrouwheid in zijn dienst; maar dat gij Hem smeekt zich over u te ontfermen, omdat gij Hem wilt binnenleiden in het huis van zijn en uwe Moeder, en dat gij Hem niet zult laten gaan zonder dat Hij er zijn intrek heeft genomen: Vraag Hem op te staan en te komen in de plaats zijner rust en in de ARK zijner heiliging: Zeg Hem, dat gij geenszins uw vertrouwen in uw verdiensten, kracht en voorbereiding stelt, zoals Ezaü, aar in die van Maria, uw dierbare Moeder, gelijk Jacob in de zorgen van Rebecca; dat gij, hoe zondig en Ezaü gelijk, gij tot zijne heiligheid durft naderen, steunende op de verdiensten en versierd met de deugden van zijn heilige Moeder.
Zeg tot de H.Geest: dat gij niet waardig bent het meesterstuk van zijn liefde te ontvangen om de lauwheid en de boosheid van uw werken, en om uw weerspannigheid aan zijn ingevingen; maar dat gij al uw vertrouwen op Maria zijn getrouwe Bruid, berust. Zeg met de H.Bernardus: Zij is mijn hoogste vertrouwen; Zij, al de reden van mijn hoop. Gij kunt de H.Geest zelfs vragen om in Maria, zijn onafscheidbare Bruid, neer te dalen; haar schoot is immers even zuiver en haar hart even gloeiend als ooit. Zeg Hem, dat, indien Hij niet over u neerkomt, Jezus en Maria in uw hart niet zullen gevormd worden, noch op waardige wijze gehuisvest!!

Na de H.Communie.
Na de H.Communie moet gij, geheel in uzelf verslonden en met gesloten ogen, Jezus in Maria’s hart binnenleiden!!! Geef Hem aan zijn Moeder, die Hem liefdevol zal ontvangen, met eere plaatsen, diep aanbidden, volmaakt beminnen, innig omhelzen en Hem, in geest en waarheid, meerdere plichtplegingen bewijzen, welke ons in onze diepe duisternissen onbekend zijn.
Ofwel, houd u diep vernederd in uw hart, in tegenwoordigheid van Jezus, verblijvend in Maria; ofwel houd de wacht als een slaaf aan de deur van het paleis van de Koning, waar deze zich met de Koningin onderhoudt; en terwijl Zij met elkander spreken, ZONDER U NODIG TE HEBBEN kunt gij in de geest Hemel en aarde doorkruisen en alle schepselen uitnodigen om in uw plaats Jezus in Maria te bedanken, te aanbidden en te beminnen: laat ons bidden, komt!!
Ofwel, vraag zelf aan Jezus in vereniging met Maria, de komst van zijn rijk op aarde door zijn heilige Moeder, of de goddelijke wijsheid, de goddelijke liefde, de vergiffenis van uw zonden, of enig andere genade, maar altijd door en in Maria. Zeg, met minachting op uzelf neerziende: Heer zie niet naar mijn zonden; maar dat uw ogen in mij slechts de deugden en verdiensten van Maria beschouwen. En, uw zonden indachtig, voeg er bij: Ik ben mijn eigen grootste vijand, ik, die deze zonden bedreven heb, of wel: Verlos mij van de boze en bedrieglijke mens.; ofwel: Mijn Jezus, Gij moet in mijn ziel toenemen, ik integendeel afnemen. O Maria, Gij moet bij mij aangroeien en ik moet minder worden, dan ik geweest ben. O Jezus en Maria, groei in mij aan, en vermenigvuldig u, buiten mij, in de anderen.
Er zijn een menigte andere, gedachten, welke de H.Geest ingeeft, en ook u ingeven zal, zo gij waarlijk ingetogen en verstorven bent en getrouw aan deze grote en verheven godsvrucht, welke ik u geleerd heb. Doch gedenk dat, hoe meer gij Maria in de H.Communie laat handelen, des te meer Jezus zal verheerlijkt worden; en gij zult des te meer Maria voor Jezus en Jezus in Maria laten handelen, naarmate gij u dieper vernedert en naar Hen in vrede en stilte luistert, zonder moeite te doen om te zien, te smaken of te voelen: want de rechtvaardige leeft altijd uit het geloof en vooral in de H.Communie, die een oefening van geloof is: Mijn rechtvaardige leeft uit het geloof!!!

DSCI0277 (2)